In memoriam Dirk Wolvius.

J.B.L. Hoekstra
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1991;135:347
Download PDF

- Dirk Wolvius werd op 15 juni 1920 geboren. Na in 1938 te Rotterdam het einddiploma HBS-B behaald te hebben, ging hij in Utrecht medicijnen studeren. In 1947 deed hij er zijn artsexamen. Vervolgens vervulde hij zijn dienstplicht als reserveluitenant ter zee-arts bij de Koninklijke Marine. Hij was aanvankelijk gestationeerd in Djakarta, later was hij scheepsarts aan boord van H.M. Kortenaer. In 1950 werd hij, kennelijk geboeid door de interne geneeskunde en het voorbeeld volgend van zijn vader, die internist was, assistent bij prof.dr.C.D.de Langen van het Stads- en Academisch Ziekenhuis te Utrecht. Hij voltooide er zijn opleiding tot internist in 1954 en werd vervolgens hoofdassistent, later wetenschappelijk hoofdambtenaar. In 1955 promoveerde hij bij prof.dr.L.A.Hulst op een proefschrift getiteld ‘Quantitatief onderzoek van urine-eiwitten met behulp van papierelectrophorese’.

In 1958 verliet hij het Academisch Ziekenhuis, om zich als internist te vestigen in Dordrecht, verbonden aan het Refaja Ziekenhuis. Tien jaar was hij hier werkzaam. Vervolgens ging hij in op het verzoek om internist te worden in het Diakonessenhuis te Utrecht. Inmiddels had Wolvius een indrukwekkend aantal nevenfuncties op zich genomen. Hij was onder meer lid van het bestuur van de Nederlandsche Internisten Vereeniging, lid van de commissie Beroepsbelangen en vervolgens lid van het Concilium van dezelfde vereniging. Voorts had hij zitting in het Centraal College voor de erkenning en registratie van medisch specialisten en in het bestuur van de Landelijke Specialisten Vereniging.

Hij had speciale interesse voor opleidingsvraagstukken en voor informatica in de gezondheidszorg. Onder zijn leiding werd door de Landelijke Specialisten Vereniging een rapport over informatica geproduceerd dat landelijke bekendheid kreeg als ‘het rapport-Wolvius’. Eveneens onder zijn leiding werden besprekingen begonnen die uiteindelijk leidden tot de oprichting van de Stichting Informatiecentrum voor de Gezondheidszorg (SIG). Als logisch vervolg op deze functies werd hij voorzitter van de Commissie van de Gezondheidsraad, die een advies uitbracht over registratie van medische en psychologische gegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

In het Diakonessenhuis te Utrecht werd Wolvius kort na zijn komst aangewezen als opleider. Er ontstond onder zijn leiding een plezierig opleidingsklimaat en een goed functionerende maatschap. Vele assistenten zullen met genoegen terugdenken aan de uitstekende sfeer die er heerste op de afdeling Interne Geneeskunde. Een sfeer die voor een belangrijk deel bepaald werd door de verstandige, innemende figuur van de opleider. Door zijn patiënten werd hij bijzonder gewaardeerd.

In 1977 werd hij aangezocht voor de belangrijke functie van secretaris van de Specialisten Registratie Commissie (SRC). Met zijn bekende ondernemendheid nam hij deze taak op zich. Onder zijn leiding werd de visitatie van opleidingsafdelingen meer geformaliseerd, met als gevolg verbetering van de kwaliteit van de opleiding. Menige assistent-geneeskundige, in de problemen geraakt ten aanzien van de opleiding, heeft in deze periode een willig oor bij hem gevonden.

Tijdens zijn werkzaamheden als secretaris van de SRC en enkele jaren daarna bleef Wolvius in deeltijdverband werkzaam in de maatschap van internisten van het Diakonessenhuis. Wat maakte de samenwerking met hem ook in deze fase zo plezierig? Het waren zijn hartelijkheid, zijn onverminderd enthousiasme en zijn bescheidenheid. Meende hij er goed aan te doen bij een klinisch probleem een collega te raadplegen, dan aarzelde hij niet. Waren het echter zijn maatschapsgenoten die hem om advies vroegen, dan konden zij op een verstandig, bezonken oordeel rekenen.

Bij zijn afscheid van het Diakonessenhuis ontving Wolvius een hoge koninklijke onderscheiding: officier in de Orde van Oranje-Nassau. Deze blijk van waardering kwam hem alleszins toe. Vijf jaar lang heeft hij vervolgens in goede gezondheid van zijn verworven vrijheid mogen genieten. Hij kon zich wijden aan zijn belangstelling voor schilderkunst, beeldhouwkunst en muziek. Hieraan kwam, veel te vroeg, op 17 december een abrupt einde. In de Utrechtse Nicolaaskerk hebben zijn vrouw, kinderen, familieleden, vrienden en collegae in een indrukwekkende en sfeervolle dienst afscheid van hem genomen: Dirk Wolvius, een innemend en harmonisch mens, die wij in dankbaarheid gedenken.

Gerelateerde artikelen

Reacties