Lage rugpijn: niet leren behandelen, maar begrijpen
Open

Commentaar
27-11-2017
Birgit E.C. Niënhaus en Floris A. van de Laar

Huisartsen zien elke week nieuwe patiënten met rugpijn. Bij 95% van de patiënten met acute lagerugpijn kan geen specifieke oorzaak worden gevonden en wordt gesproken over aspecifieke lagerugklachten.1 Bij 25-50% van deze patiënten is het beloop chronisch; dit gaat gepaard met een hoge ziektelast en veel ziekteverzuim. De onlangs herziene NHG-standaard ‘Aspecifieke lagerugpijn’ stelt niet de pijn centraal, maar richt zich op klachtvermindering door een tijdcontingente strategie van opbouw in activiteiten met eventueel oefentherapie, gedragstherapie en een multidisciplinaire revalidatie.

Dit beleid is in de kern niet veel anders dan de vorige standaard uit 2005. De wetenschappelijke onderbouwing voor de adviezen berust echter op weinig bewijs. De standaard vindt slechts zeer lage tot matige kwaliteit van bewijs voor de effectiviteit van multidisciplinaire behandeling, pilates, oefentherapie, gedragsmatige interventies, manipulatie en yoga bij chronische aspecifieke lagerugklachten.

Matige bewijskracht van interventieonderzoek

Ook de Amerikanen blijven proberen de behandeling van rugpijn te onderbouwen en zo verschenen in 2017 twee systematische reviews ...