Heroïneverstrekking.

Nieuws
J.B. Meijer van Putten
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1997;141:1834-5
Download PDF

Heroïneverstrekking. – Twee jaar geleden adviseerde de Gezondheidsraad de minister van Volksgezondheid een wetenschappelijk onderzoek in te stellen naar het effect van de verstrekking van heroïne aan zwaar verslaafde gebruikers. Er werd een onderzoekscommissie ingesteld, de Centrale Commissie Behandeling Heroïneverslaafden.

Een aantal grote steden bleek de resultaten van het onderzoek nauwelijks af te kunnen afwachten. Al op 18 september 1996 meldde De Volkskrant dat Rotterdam een volledig scenario had klaarliggen. De Rotterdamse Gemeentelijke Geneeskundige Dienst had zelfs al een pand in het centrum van de stad gehuurd waarin de heroïnekliniek ondergebracht zou worden. Ook was er een brief verspreid onder de omwonenden om hen op de hoogte te brengen van de plannen. Hun werd voorgehouden dat het ging om ‘een medisch-wetenschappelijk experiment en niet om opvang’.

Pas maart dit jaar bracht de onderzoekscommissie haar advies uit. Er moest een grootschalig heroïne-experiment komen voor 600 tot 750 zwaar verslaafde gebruikers. Omdat minister Borst een jaar eerder in een kamerdebat nog had gezegd dat er hooguit 150 verslaafden bij het experiment betrokken zouden worden, ontstond er grote verdeeldheid tussen de minister en de Tweede Kamer (NRC Handelsblad, 13 maart). De VVD zei te vrezen dat bij een dergelijk groot aantal deelnemers de openbare orde en veiligheid in het geding zouden komen. VVD-kamerlid Van Blerck: ‘Ons animo is nu aanzienlijk gedaald. Misschien moeten wij dan maar een minder wetenschappelijk experiment doen met minder personen’.

De Telegraaf probeerde op 27 juni het vuur nog wat verder op te stoken. Onder de kop ‘Premie van ƒ 500,- voor verslaafden’ meldde de krant sarcastisch dat ‘minister Borst de verstrekking van de gratis heroïne aan de honderden “rijkssnuivers” beschouwt als een medisch experiment en de verslaafden daarom een financiële tegemoetkoming van ƒ 500,-wil geven’.

In augustus werd het volledige onderzoeksprotocol van de Centrale Commissie Behandeling Drugsverslaafden aan de Tweede Kamer gestuurd (NRC Handelsblad, 18 augustus). De Commissie adviseerde een gecontroleerd gerandomiseerd experiment, waaraan minimaal 750 zwaar verslaafde gebruikers, verdeeld over 3 groepen, moesten deelnemen. De eerste groep zou 12 maanden 3 maal heroïne krijgen, de tweede groep de eerste 6 maanden alleen methadon en daarna 6 maanden heroïne, en de derde groep zou dan als controlegroep fungeren; die mocht alleen methadon krijgen. Als lokkertje kon de deelnemers aan die laatste groep toegezegd worden dat zij na afloop ook 6 maanden heroïne zouden krijgen.

De VVD liet opnieuw weten niets in zo'n grootschalig experiment te zien, maar minister Borst zei ‘er niet over te piekeren om het experiment met een kleiner aantal verslaafden uit te voeren’ (De Telegraaf, 19 augustus). In een redactioneel commentaar vroeg De Telegraaf zich af hoe minister Borst later dacht te stoppen met gratis heroïne voor een zo grote groep als de resultaten daar aanleiding toe zouden geven. ‘Het is vooralsnog een veel te ongewisse sprong in het diepe een zo massaal experiment te beginnen als Borst wil’, aldus De Telegraaf.

De Volkskrant (21 augustus) noemde in een commentaar de vrees van het CDA en de VVD voor overlast bij een proef met 750 verslaafden gekunsteld, omdat de betrokken gemeenten die vrees helemaal niet delen.

In een interview in NRC Handelsblad (23 augustus) stelde prof.dr.J.M.van Ree, voorzitter van de Centrale Commissie Behandeling Drugsverslaafden, dat heroïneverslaafden moeten worden gezien als patiënt en heroïne als geneesmiddel. Van Ree: ‘Wij gebruiken een medicamenteuze interventie – het beschikbaar stellen van heroïne als medicament – om een uiterst destructief gedragspatroon te doorbreken’. Prof.dr.W.van den Brink, de leider van het onderzoek naar vrije verstrekking van heroïne, zei op de vraag hoelang die verstrekking door zou moeten gaan: ‘Dat weet je niet. Dat zou twintig jaar kunnen zijn, maar ik weet niet of er mensen zijn die het zo lang volhouden. Drie keer per dag zeven dagen per week komen halen is niet niks... Sommige critici zien het heroïne-experiment als een snoepje. Dat is het dus niet. Je krijgt je krat bier niet mee naar huis.’

Al met al verloopt de politieke besluitvorming over de heroïneverstrekking zo traag, dat de door Perron Nul bekend geworden Rotterdamse dominee H.Visser zelf maar een eigen heroïneprogramma gaat beginnen voor tien zeer kwetsbare verslaafden (Het Parool, 20 augustus). Hij acht de kans te groot dat ‘enkele politieke partijen dwars zullen gaan liggen’. Verder is hij ook bang dat het landelijke experiment na een aantal jaren wordt beëindigd. ‘En dan hebben de deelnemers weer niets’, aldus Visser.

Visser krijgt gelijk: de VVD-fractie weigerde begin september haar steun aan het plan voor de heroïneverstrekking aan 750 verslaafden en acht alleen een veel kleiner experiment met 100 verslaafden acceptabel (Het Parool, 2 september). Minister Borst komt uiteindelijk de VVD tegemoet. Zij is nu bereid te beginnen met een experiment op zeer beperkte schaal, met ongeveer 50 verslaafden in één plaats. Als daarbij geen ongewenste neveneffecten optreden, kan de proef na drie maanden alsnog op grotere schaal worden voortgezet (Het Parool, 4 september).

Gerelateerde artikelen

Reacties