Een klinisch algoritme voor het gebruik van de 14-3-3-liquortest bij de diagnostiek van de ziekte van Creutzfeldt-Jakob

Onderzoek
A.W. Lemstra
M. van Meegen
F. Baas
W.A. van Gool
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2001;145:1467-71
Abstract

Samenvatting

Doel

Onderzoeken of een algoritme die aanvullende diagnostische gegevens bevat de specificiteit van de 14-3-3-liquoreiwittest vergroot bij patiënten bij wie de ziekte van Creutzfeldt-Jakob (CJD) wordt vermoed.

Opzet

Ontwikkeling van een diagnostisch algoritme.

Methode

Het 14-3-3-eiwit werd bepaald in de liquor van een groep van 69 opeenvolgende patiënten bij wie CJD werd vermoed. Op basis van eerdere onderzoeksresultaten en de literatuur werd een beslisboom geconstrueerd, waarmee de indicatie voor de test scherper kon worden gesteld.

Resultaten

Door de bevindingen bij beeldvormend onderzoek en routinematig liquoronderzoek die voorafgingen aan de 14-3-3-test in beschouwing te nemen, steeg de specificiteit van de test naar 97 (95-BI: 85,5-99,9), waardoor de a-priorikans op CJD van 35 werd omgezet in een a-posteriorikans van 75-100 bij een positieve testuitslag.

Conclusie

Bepaling van het 14-3-3-eiwit is in combinatie met beeldvormend onderzoek en liquoronderzoek een zeer sensitieve en specifieke marker voor sporadische CJD.

Auteursinformatie

Academisch Medisch Centrum, Postbus 22700, 1100 DE Amsterdam.

Afd. Neurologie: mw.A.W.Lemstra, assistent-geneeskundige in opleiding; prof.dr.W.A.van Gool, neuroloog.

Laboratorium Neurozintuigen: M.van Meegen, hoofdanalist; dr.F.Baas, moleculair bioloog.

Contact mw.A.W.Lemstra (a.w.lemstra@amc.uva.nl)

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties