Computergestuurde brachytherapie bij oog-melanoom

Computergestuurde brachytherapie bij oog-melanoom
Lucas Maillette de Buy Wenniger
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:C1905

Oogartsen van University of Southern California ontwikkelden een simulatieprogramma om de lokale bestraling van melanomen in het vaatvlies van het oog te optimaliseren. In JAMA Ophthalmology stellen ze dat hun aanpak voor de oogchirurg eenvoudiger is en minstens zo goed presteert als de huidige standaardtechniek (2013; epub 5 september).

Bij de behandeling van melanomen van het vaatvlies (choroïdea) staat oogbolsparende brachytherapie sinds een grote in 2001 gepubliceerde studie als even effectief te boek als de operatieve verwijdering van het aangedane oog. Bij de brachytherapie wordt een plaatje met radioactieve korrels gedurende enkele dagen op de buitenkant van de oogbol geplaatst. Het positioneren van het bestralingsplaatje is soms lastig, bijvoorbeeld omdat tijdens de operatie die daarvoor nodig is, niet altijd duidelijk te zien is waar de tumor precies zit. Daarom ontwikkelde de groep van Melvin Astrahan software om de preoperatieve klinische informatie te bundelen en op basis daarvan de optimale architectuur van de 125jodiumkorrels en positie van het plaatje op het oog te berekenen.

De 82 patiënten die de onderzoekers tussen 1990 en 2010 met op maat gemodelleerde brachytherapie behandelden, hadden een vergelijkbaar of beter klinisch beloop ten opzichte van de 638 mensen in de oorspronkelijke multicentrische brachytherapietrial. Op basis van de berekende Kaplan-Meier-curves had na 5 jaar een vergelijkbaar percentage (11%) van hen gemetastaseerde ziekte. Het percentage patiënten met hernieuwde tumorgroei, of bij wie alsnog de oogbol verwijderd moest worden, lag bij de met hulp van het computermodel bestraalde patiënten echter lager dan bij de op klassieke wijze behandelde patiënten. Bovendien veroorzaakte de computergestuurde therapie minder oculaire bestralingsbijwerkingen.

De auteurs zijn kortom optimistisch over hun softwarematig gepersonaliseerde brachytherapie. Het zou mooi zijn als hun resultaten in een onafhankelijk cohort bevestigd worden.

Gerelateerde artikelen

Reacties

Marina
Marinkovic

Het is verheugend te zien dat een relatief zeldzame maligniteit als het uveamelanoom het nieuws haalt in het NTvG. Enigszins teleurstellend is wel dat het in het NTvG nieuws besproken artikel van discutabele kwaliteit is.

Jesse L. Berry et all schrijven in JAMA Opthalmology 2013, epub 5 september, over hun ervaring met Eye Physics, een alternatieve manier van localiseren waar brachytherapie plaques op  het oog moeten worden aangebracht voor de behandeling van oogmelanomen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van CT of MRI scans en software en een oogmodel. Deze methode zou eenvoudiger zijn dan peroperatief indirect spiegelen gecombineerd met indentatie, de standaard manier van localiseren van de tumor.

De eerste kanttekening die geplaatst kan worden bij het artikel, is dat er in de kliniek van de auteurs slechts 82 uveamelanoompatienten met brachytherapy werden behandeld in 20 jaar; zo'n 4 per jaar dus. Ter vergelijking; in het LUMC zijn dit meer dan 100 patienten per jaar. Zonder voldoende ervaring is indirect spiegelen gecombineerd met indentatie inderdaad niet eenvoudig..

Echter; vervolgens wordt het oude vertrouwde spiegelen met indentatie door de auteurs wel gebruikt om  de middels Eye Physics bepaalde positie van de brachyplaque te controleren. Hierbij wordt geen uitspraak gedaan over het percentage operaties waarin op basis van deze standaard techniek re-localisatie van  de plaque plaatsvond.

Dan kunnen de auteurs vervolgens niet aantonen dat gebruik van de Eye Physics methode betere resultaten geeft dan de resultaten beschreven door de Collaborative Ocular Melanoma Study Group (COMS Group). Met name de beschreven follow up is hier een probleem.

Locale tumorcontrole bij uveamelanomen is overigens, ook in de besproken studie, opvallend goed.  De belangrijkste uitdaging in de  behandeling van uveamelanomen ligt dan ook in de behandeling van metastasen ervan. Als er op dat gebied een doorbraak is, hoop ik dat het NTvG nieuws daaraan ook tenminste een halve pagina zal wijden.

 

Marina Marinkovic, oogarts, LUMC