Brede steun voor eicelbank in Nederland
Open

Onderzoek
26-01-2012
Annelies M.E. Bos, Petra Klapwijk en Bart C.J.M. Fauser

Doel

Bepalen van het draagvlak voor invriezen van eicellen en voor het oprichten van een eicelbank in Nederland.

Opzet

Opinie-onderzoek.

Methode

Peiling met online-vragenlijsten in mei 2011 onder bijna 19.000 leden van het EenVandaag Opiniepanel. De uitslagen van de peiling werden gecorrigeerd voor de Nederlandse bevolking met cijfers van het CBS voor leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur (gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2010). De primaire uitkomstmaten waren het percentage voorstanders van het invriezen van eicellen voor eigen gebruik in de toekomst en het percentage voorstanders van het opzetten van een eicelbank. Secundaire uitkomstmaten waren de demografische verschillen tussen voor- en tegenstanders.

Resultaten

Ongeveer de helft van de deelnemers was voorstander van het invriezen van eicellen (47%) en de realisatie van een eicelbank in Nederland (50%). Voorstanders van het invriezen van eicellen waren met name vrouwen ≤ 45 jaar, zonder kinderen en hoogopgeleid. Van de ondervraagde vrouwen ≤ 45 jaar zou 4% serieus overwegen om gebruik te maken van donoreicellen via een eicelbank. 12% van hen zou zeker haar eicellen willen doneren aan de eicelbank of overwoog dat. Van alle deelnemers was 37% tegen het opzetten van een eicelbank. De belangrijkste argumenten tegen het invriezen van eicellen waren dat vrouwen kinderen moeten krijgen op een leeftijd dat zij vruchtbaar zijn en het ontbreken van een medische noodzaak.

Conclusie

Er was een groot draagvlak voor het invriezen van eicellen en voor het oprichten van een eicelbank in Nederland. Het onderzoek toonde tevens aan dat een eicelbank voorziet in een behoefte.