Bètablokkers voor cardiovasculaire preventie

Onderzoek
S.M. (Matthijs) Boekholdt
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:A6348
Download PDF

Waarom dit onderzoek?

Een bètablokker maakt deel uit van de gebruikelijke medicamenteuze behandeling van patiënt die een myocardinfarct hebben doorgemaakt. Het is echter onduidelijk of een bètablokker ook van belang is bij patiënten met stabiel coronairlijden zonder doorgemaakt myocardinfarct en bij patiënten met cardiovasculaire risicofactoren.

Wat is de onderzoeksvraag?

Is het gebruik van een bètablokker geassocieerd met een lager risico op cardiovasculaire gebeurtenissen (‘events’) bij patiënten met een doorgemaakt myocardinfarct, bij patiënten met stabiel coronairlijden zonder doorgemaakt myocardinfarct, en bij patiënten met cardiovasculaire risicofactoren?

Hoe werd dit onderzocht?

Patiënten die geïncludeerd zijn in het REACH-register werden verdeeld in 3 cohorten: patiënten met een doorgemaakt myocardinfarct (n = 14.043), patiënten met stabiel coronairlijden zonder doorgemaakt myocardinfarct (n = 12.012), en patiënten met uitsluitend cardiovasculaire risicofactoren (n = 18.653). Middels ‘propensity score matching’ werd gecorrigeerd voor verschillen tussen de behandelingsgroepen.

Belangrijkste resultaten

In geen van de 3 cohorten van deze observationele studie hadden patiënten die een bètablokker gebruikten een significant lager risico op cardiovasculaire events dan patiënten die geen bètablokker gebruikten. In het cohort van patiënten met een doorgemaakt myocardinfarct was de hazardratio voor cardiovasculaire gebeurtenissen 0,90 (95%-BI: 0,79-1,03). In het cohort van patiënten met coronairlijden zonder doorgemaakt myocardinfarct was de hazardratio 0,92 (95%-BI: 0,79-1,08) en in het cohort van patiënten met uitsluitend cardiovasculaire risicofactoren was deze 1,18 (95%-BI: 1,02-1,36).

Consequenties voor de praktijk

De studie bevat een aantal beperkingen. Zo was bijvoorbeeld niet duidelijk of de bètablokker was voorgeschreven vanwege coronairlijden of om een andere reden, zoals hypertensie, hartfalen, ischemie, of atriale of ventriculaire ritmestoornissen. De studieresultaten moeten gezien worden als hypothese-genererend en dienen getoetst te worden in een RCT. De resultaten dienen geen consequenties te hebben voor de klinische praktijk.

Literatuur
  1. Bangalore S, et al. β-Blocker use and clinical outcomes in stable outpatients with and without coronary artery disease. JAMA. 2012;308:1340-9.

Auteursinformatie

Contact (s.m.boekholdt@amc.uva.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties