Artseneed

Tooske Valkenburg
Toosje Valkenburg
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2023;167:B2292

artikel

‘Ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving en zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen.’ Komt deze zin je bekend voor? Deze zin komt uit onze artseneed. Liever onthouden we de ‘gij zult niet schaden’ en de ‘ik houd geheim wat mij is toevertrouwd’. Die zijn wat heroïscher en haalbaar in de beslotenheid van onze ivoren toren, de spreekkamer. In die spreekkamer wringen deze zinnen van de artseneed. Wij, dokters, zijn graag de helden van de individuele patiënt. Maar bedenk eens dat voor elke patiënt tegenover je er even zoveel zijn met dezelfde – of zelfs een ernstigere – hulpvraag die je niet ziet. De verantwoordelijkheid voor de toegankelijkheid van de zorg ligt mede bij ons, hoe ongemakkelijk dat ook lijkt.

Hoe kun je dan bijdragen aan die maatschappelijke verantwoordelijkheid? De externe factoren die bijdragen aan de gebrekkige toegang zijn niet door een individuele huisarts op te lossen. Het personeelstekort, de huisvestingsproblemen en de overmaat aan bureaucratische verantwoording zijn forse obstakels Overconsumptie van zorg en overdiagnostiek onder druk van eisende patiënten zal ook met patiëntvertegenwoordigers moeten worden besproken.

‘Hoe stevig staan we daar pal voor?’

Maar er zijn ook interne factoren – daar moeten we zelf mee aan de slag. De illusie van het maakbare leven houden we zelf ook in stand en kunnen makkelijk leiden tot een teveel aan zorg. Onze kernwaarden als huisarts zijn medisch-generalistisch, continue, persoonsgericht en gezamenlijk. Hoe stevig staan we daar pal voor? Angst voor een te grote verantwoordelijkheid en ruimte om je eigen leven beheersbaar te organiseren zijn belangrijke drijfveren om in de beginnende fase van je carrière te kiezen voor een flexibele invulling van het huisartsenvak.

Met begrip hiervoor zullen we toch opnieuw met elkaar moeten bepalen hoe de kernwaarden leidend zijn, om de vaste huisarts in de wijken opnieuw te waarderen. We zijn zelf aan zet om de norm te stellen: hoe vinden we dat het huisartsenvak moet worden ingevuld, door alle generaties heen? Niet met een halfbakken compromis en zeker niet door het vercommercialiseren van de huisartsenzorg. Maar het verkopen van praktijken aan private partijen kan alleen laakbaar zijn als er een fatsoenlijk alternatief is. Het waarnemerschap onaantrekkelijker maken kan alleen als er een oplossing komt voor de ervaren dilemma’s van de jonge collega’s.

De samenleving verdient een sterke, generalistische, publiek-verankerde, huisartsenzorg. Dit betekent dat we onze eigen schaarste moeten organiseren met behoud van de kernwaarden. Hoe we dat doen is aan ons, dat we het doen mag de samenleving van ons eisen. Beloofd is beloofd.

Auteursinformatie

Toosje Valkenburg is huisarts in de Bilt en zet zich in voor Dappere Dokters en optimale zorg. Zij is een van de 5 vaste columnisten van het NTvG.

Contact T. Valkenburg (tvalkenburg@ghcdebilt.nl)

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties

Martin
de Boer

Mooi verwoord, je artikel over de artseneed waar het conflicteert met het eigen belang. Ik zie een naadloze aansluiting op het recente artikel van Marcel Levi in Medisch Contact waarin de verantwoordelijkheid om na de opleiding ook daadwerkelijk de handen uit de mouwen te steken benoemd wordt. De welbekende roze olifant in de kamer, maar dan vanaf een andere kant bekeken. Gezien de veelheid aan reacties leeft het thema en groeit de olifant door. Wij, alle huisartsen bij elkaar, praktijkhouder of niet, zullen gezamenlijk de kar moeten trekken. Inmiddels zijn we met dusdanig veel dat het zou moeten lukken. Echter is het aan de beroepsgroep als geheel om hier daadwerkelijk mee aan de slag te gaan en het niet aan de markt over te laten omdat dat slechts tot het behartigen van het eigen belang leidt. Dit speelt al jaren waarbij de olifant gegroeid is. Net als Marcel Levi moedig om dit in nette bewoordingen te noemen, nog moediger zou het zijn wanneer het LVH bestuur de olifant eens daadwerkelijk te grazen zou nemen. 

Martin de Boer, huisarts