Effect zelfhulp via internet op fobieën beperkt

Esther van Osselen

artikel

Fobiepatiënten die voor behandeling zijn verwezen naar gespecialiseerde ggz-instellingen, kunnen profiteren van een begeleid zelfhulpprogramma via internet. Tenminste, als ze de moeite nemen om de website te bezoeken en de voorgeschreven oefeningen te doen. Slechts een kleine minderheid doet dat.

Dat blijkt uit een evaluatie van het ‘Fobieën onder controle’-programma, een op het internet toegespitste versie van een gelijknamig zelfhulpboek (J Med Internet Res. 2014;16:e226). Robin Kok en collega’s van het VUmc includeerden ruim 200 patiënten die waren verwezen naar gespecialiseerde ggz-poliklinieken. Tijdens de wachttijd – ongeveer 6 weken – werd de zelfhulpinterventie aangeboden. Ongeacht het type fobie – een sociale angststoornis, agorafobie met of zonder paniekaanvallen, of een specifieke fobie – kregen patiënten ófwel het e-healthprogramma (n= 105), ófwel alleen het zelfhulpboek (n = 107). Het programma stimuleerde patiënten een angstladder op te stellen en vervolgens in 5 weken 8 keer te oefenen met het doorbreken van hun vermijdingsgedrag. Een coach stuurde elke week een aanmoediging. Uitkomsten waren angst (FQ, BAI) en somberheid (CES-D).

De interventiegroep was aan het einde van het programma iets minder angstig, maar niet significant minder somber. De effectgrootte was gering. Dat er überhaupt een effect kon worden gemeten was overigens bijzonder gezien het hoge drop-outpercentage: drie kwart van de interventiegroep was aan het programma begonnen en slechts 13,3% haalde week 5. Voor 40,8% van alle deelnemers waren de uitkomsten niet beschikbaar. De uitvallers waren somberder, angstiger, jonger en lager opgeleid en kregen minder vaak medicatie. Wanneer alleen gegevens van patiënten met volledige follow-up werden meegenomen, waren er geen statistisch significante verschillen meer.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties