Vrouwenbesnijdenis groeiend probleem

Nieuws
F. Kievits
M.T. Adriaanse
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2005;149:2883
Download PDF

Vrouwenbesnijdenis komt meer voor dan tot nu toe is aangenomen. De verminking van de genitaliën van meisjes en vrouwen is een groeiend wereldwijd probleem. Dat stelt het Innocenti Research Centre, het onderzoeksinstituut van de VN-organisatie Unicef, in het op 24 november 2005 gepubliceerde rapport ‘Changing a harmful social convention: female genital mutilation/cutting’. Volgens het rapport zijn jaarlijks alleen al in Afrika 3 miljoen vrouwen het slachtoffer van de schadelijke praktijk. De organisatie spreekt over een fundamentele schending van de rechten van meisjes en vrouwen. Zij worden lichamelijk en psychisch verminkt en lopen een groot gevaar omdat de besnijdenis vaak door ongekwalificeerde mensen wordt uitgevoerd.

Naar schatting ondergingen mondiaal tot nu toe 100 tot 140 miljoen vrouwen een of andere vorm van genitale verminking en op het Afrikaanse continent komen er ieder jaar dus nog 3 miljoen bij. De praktijk is nog steeds wijdverbreid in Egypte, Sudan, Burkina Faso, Kenia, Mali en Ivoorkust. In andere Afrikaanse landen is vrouwenbesnijdenis de afgelopen jaren afgenomen, onder andere door voorlichting (figuur), maar in de westerse landen worden in immigrantenkringen juist weer meer vrouwen besneden. De besnijdenis vindt ook op steeds jongere leeftijd plaats.

Unicef vraagt regeringen maatregelen te nemen om vrouwenbesnijdenis te verbieden. ‘Opinieleiders en lokale autoriteiten moeten actief campagne tegen de praktijk voeren. Jongeren betrekken bij deze strijd is van essentieel belang. Zij kunnen zich ontwikkelen tot volwassenen die weloverwogen hun eigen beslissingen kunnen nemen. Op deze manier zou er binnen een generatie een einde aan de besnijdenis van vrouwen kunnen komen’, aldus een Unicef-woordvoerder tegenover The New York Times (25 november 2005).

Gerelateerde artikelen

Reacties