Wat ze in IJsland nu wél weten

Nieuws
25-03-2020
Jeanne Heijnen

Een IJslandse steekpoef in de samenleving toont 0,9% besmettingen met SARS-CoV-2. Er is in IJsland – in tegenstelling tot Nederland – wel op grote schaal getest: 10.301 mensen in de periode 1 februari-22 maart. Dat is 2,8% van de totale eilandpopulatie van 364.260 mensen. 4659 (45%) van de tests is afgenomen in het ziekenhuis (The National University Hospital of Iceland) en betreft mensen met symptomen. Uniek is dat door het IJslandse bedrijf ‘deCODE genetics’ naast de ziekenhuispopulatie vanaf 15 maart ook een steekproef van 5601 mensen uit de algemene bevolking is genomen, die geen of weinig symptomen hadden. Hiervan testten er 49 positief (0,9%), beduidend minder dan de 11,6% positieve tests in ziekenhuizen.

In Nederland zijn van de tot 22 maart bij het RIVM gemelde 33.463 uitgevoerde testen een vergelijkbaar percentage van 13,1 positief (4378). Vanaf 9 maart wordt dagelijks het aantal tests bijgehouden en ziet men geleidelijk stijgende lijn van 5,5% positieve tests vóór 9 maart tot 25,9% op 22 maart. Dit zou kunnen duiden op het steeds strengere beleid om enkel de meest zieke mensen te testen, vanwege een ontoereikend aantal beschikbare tests voor metingen op grote schaal. Hoeveel asymptomatische besmettingen er in de Nederlandse bevolking zijn, weten we derhalve niet. De gegevens uit IJsland zijn daarom inzichtgevend. Hoewel de cijfers niet geëxtrapoleerd kunnen worden naar Nederland, lijken ze wel te wijzen op een onderrapportage van het aantal absolute gevallen bij de manier van testen zoals die in Nederland wordt toegepast. Daarmee zou het relatieve aantal besmettingen op bevolkingsniveau lager zijn dan de huidige incidentiecijfers aangeven.