Gepubliceerd op: 19-11-2012 (in print verschenen in week 47 2012)
Citeer dit artikel als:
 Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:A5410
Stand van zaken
  • Dossier: Gynaecologie

Hester de Melker

,

Gemma Kenter

,

Tekla van Rossum

en

Marina Conyn-van Spaendonck

Auteursinformatie

Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, Bilthoven.

Dr. H. de Melker, epidemioloog; dr. M. Conyn-van Spaendonck, arts-epidemioloog.

AMC, afd. Gynaecologie en Obstetrie, Amsterdam.

Prof.dr. G. Kenter, gynaecoloog (tevens: Nederlands Kanker Instituut en VUmc, Amsterdam).

College ter Beoordeling Geneesmiddelen (CBG-MEB), Utrecht.

Dr. T. van Rossum, arts.

Contactpersoon: dr. M. Conyn-van Spaendonck (marina [dot] conyn [at] rivm [dot] nl).

  • Sinds 2010 is vaccinatie tegen het humaan papillomavirus (HPV) opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma voor meisjes van 12 jaar.

  • De vaccinatiegraad voor het geboortecohort van 1997 bedroeg 56,5%; er is een geleidelijke stijging van de opkomst.

  • Continue monitoring van de veiligheid bracht geen nieuwe onbekende ernstige bijwerkingen aan het licht; veel meisjes hadden last van voorbijgaande klachten zoals een pijnlijke arm, moeheid en hoofdpijn.

  • Na de huidige vaccins, die bescherming bieden tegen respectievelijk 2 en 4 HPV-typen en enige mate van kruisbescherming geven, zijn momenteel vaccins in ontwikkeling die bredere bescherming kunnen bieden.

  • De HPV-vaccinatie van 12-jarige meisjes is kosteneffectief, ook bij een relatief lage vaccinatiegraad.

  • De potentiële bescherming van de HPV-vaccinatie reikt verder dan de preventie van baarmoederhalskanker, enerzijds door het voorkómen van andere oncologische manifestaties van HPV-infectie bij vrouwen én mannen, en anderzijds door het voorkómen van genitale wratten.

  • De preventieve HPV-vaccins blijken niet effectief te zijn als behandeling van bestaande afwijkingen.

Reactie toevoegen

Er zijn nog geen reacties geplaatst.