Myopathie bij statinegebruik verloopt doorgaans mild
Open

In het kort
22-07-2006
S. van Wissen

Statinen worden steeds vaker voorgeschreven en hoewel de bijwerkingen in het algemeen gering zijn, komt spierpijn bij 2-11 van de patiënten voor. Stijging van het creatininekinase (CK) met waarden van meer dan 10 keer de maximale referentiewaarde wordt bij ongeveer 0,5 van de patiënten gezien. Het gevaar bestaat dat statinegeïnduceerde myopathie overgaat in rabdomyolyse. Het klinische beloop van myopathie door statinen is nog niet eerder beschreven. In een academisch ziekenhuis in Wisconsin (Verenigde Staten) werd een kleine retrospectieve studie verricht naar statinegeïnduceerde myopathie.1

Met behulp van de International Classification of Disease(ICD)-codes werden 437 patiënten gevonden die tussen 1990 en 2003 met spierklachten het ziekenhuis bezochten. Uit statusonderzoek bleken uiteindelijk 45 van deze 437 patiënten een myopathie door statinegebruik te hebben. Van hen hadden 8 patiënten een CK groter dan 10 keer de maximale referentiewaarde met spierzwakte of spierpijn, 3 patiënten een CK groter dan 3 keer normaal en spierzwakte of spierpijn en 34 patiënten hadden onbekende, normale of een licht verhoogde CK met spierpijn of spierzwakte.

Er werd geen relatie gevonden tussen de hoogte van het CK en de aanwezigheid van spierzwakte of de duur en ernst van de spierpijn. Bij 8 patiënten was er sprake van ernstige myopathie. Van deze groep werden 6 patiënten (13) opgenomen. Bij 3 van deze patiënten waren er nierfunctiestoornissen, bestaande uit acute tubulusnecrose (n = 1), milde nierinsufficiëntie (n = 1) en dialysebehoefte (n = 1). Deze laatste patiënt had een pre-existente nierarteriestenose. Het plaatsen van een stent had geen effect en uiteindelijk was dialyse noodzakelijk. Patiënten met ernstige myopathie waren ouder (p = 0,02), gebruikten vaker combinatietherapie met onder andere fibraten, nicotinezuur, macroliden, ciclosporine en verapamil of diltiazem (p = 0,03) en werden korter met een statine behandeld (p = 0,048). Na stoppen van de statine werd een snel herstel gezien, meestal binnen 1 maand. Nierfunctiestoornissen waren over het algemeen tijdelijk, maar traden wel op bij de helft van de opgenomen patiënten. Daarnaast werd nog gekeken naar het opnieuw optreden van klachten na herstarten van een statine. Bij 37 patiënten werd een statinebehandeling herstart en 43 kreeg geen klachten bij gebruik van een andere statine (n = 12) of zelfs bij gebruik van dezelfde statine (n = 4).

Hoewel het een kleine studie betreft, tonen deze data dat patiënten met een statinegeïnduceerde myopathie over het algemeen goed herstellen na staken van de behandeling. Voorts is te overwegen om behandeling met een andere statine te proberen.

Literatuur

  1. Hansen KE, Hildebrand JP, Ferguson EE, Stein JH. Outcomes in 45 patients with statin-associated myopathy. Arch Intern Med. 2005;165:2671-6.