Artikel voor onderwijs en opleiding

Wilsbekwaamheid beoordelen

Klinische praktijk
Irma M. Hein
C. (Kees) Blankman
Astrid Vellinga
Adger J.K. Hondius
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2019;163:D3731
Abstract

Let op: van dit leerartikel is een volledig herziene versie verschenen. Ga naar Wilsbekwaamheid beoordelen.

Op de hoogte blijven van nieuwe leerartikelen, compleet met geaccrediteerde toetsvragen en luisterversie?
⚡Abonneer je op een e-mail alert door het dossier leerartikelen te volgen.⚡

Toets voor nascholing

Aan dit leerartikel is een toets gekoppeld waarmee je nascholingspunten kan verdienen.

Overzicht van te behalen accreditatiepunten

Samenvatting

Hulpverleners krijgen regelmatig ingewikkelde vragen over wilsbekwaamheid. Dit leerartikel biedt handvatten om met deze vragen om te gaan. Ook gaan wij nader in op achterliggende juridische aspecten van wilsbekwaamheid, hoe en wanneer de wilsbekwaamheid beoordeeld moet worden, wie belast is met deze beoordeling en welke tools daarvoor beschikbaar zijn.

Auteursinformatie

Amsterdam UMC, locatie AMC-UvA, afd. Kinder- en Jeugdpsychiatrie en de Bascule, Amsterdam: dr. I.M. Hein, kinder- en jeugdpsychiater en senior onderzoeker. Vrije Universiteit, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Amsterdam: prof.mr. C. Blankman, jurist. Mentrum, Wijkteam Oud-West, Amsterdam: dr. A. Vellinga, psychiater. GGz Centraal, Ermelo: dr. A.J.K. Hondius, psychiater.

Contact I.M. Hein (i.hein@debascule.com)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: geen gemeld.

Auteur Belangenverstrengeling
Irma M. Hein ICMJE-formulier
C. (Kees) Blankman ICMJE-formulier
Astrid Vellinga Niet beschikbaar
Adger J.K. Hondius ICMJE-formulier
Irma Hein
Dit artikel is gepubliceerd in het dossier
NTvG Leerartikelen

Gerelateerde artikelen

Reacties

Laura
Kalkman-Bogerd

Beste auteurs,

Over uw leerartikel: Wilsbekwaamheid beoordelen. Artikel voor onderwijs en opleiding wil ik graag volgende opmerken.

In het artikel wordt beschreven wie op grond van de Wvggz en de Wzd de wilsbekwaamheid beoordeelt (pagina 4 onderaan, pagina 5 bovenaan: een onafhankelijk arts of specialist zou in beide wetten de wilsbekwaamheid beoordelen). Dit is niet juist. In de Wvggz stelt de zorgverantwoordelijke (een art. 3 wet BIG geregistreerde) de wilsonbekwaamheid vast en in de Wzd een deskundige of een onafhankelijk deskundige als er geen overeenstemming met patiënt/vertegenwoordiger kan worden bereikt. Verder komt in het artikel naar mijn mening onvoldoende naar voren dat dwangbehandeling op grond van de WGBO altijd in het belang van de patiënt moet zijn. Het gaat om het voorkomen van ernstig nadeel voor de patiënt. Als het ernstig nadeel een ander betreft of goederen, kan de WGBO niet worden toegepast, de Wvggz en de Wzd wel.

 

Laura Kalkman-Bogerd, gezondheidsrechtjurist