Artikel
Inleiding
Om de hoeveelheid gedronken melk bij borstgevoede kinderen te bepalen is ‘testwegen’, dat wil zeggen wegen vóór en na een voeding, een simpele, veelgebruikte manier.1-3 Deze methode wordt vooral in de eerste levensweken toegepast bij borstvoeding, zowel in de thuissituatie als in het ziekenhuis.3 4 Het gewicht…




Testwegen wel betrouwbaar; kritiek op oud artikel
Ik merk dat dit artikel steeds weer wordt aangehaald als er discussie is over het wegen van baby's voor en na de voeding. Het is daarom nog steeds heel relevant om deze reactie direct onder het artikel te plaatsen zodat lezers de stellig getrokken conclusie naar waarde kunnen beoordelen.
Voor de publicatie van dit uit het Engels vertaalde artikel (1) waren er al kritische noten over gekraakt (2,3) en inmiddels lijkt de conclusie weerlegd (4). De door Savenije et al. gebruikte intakeberekening bleek inderdaad onbetrouwbaar. Maar om testwegen in het algemeen te ontraden was destijds en ook nu te kort door de bocht.
Nauwkeurigheid van testwegen is afhankelijk van:
De weegschaal: Een weegschaal is geschikt als de standaarddeviatie van herhaalde metingen < 1% van het te wegen object is (KNMP). Gemiddelde bepalen van herhaalde metingen bevordert de waarde van de uitslag. De hier gebruikte weegschaal was goed geijkt met de standaard ijkgewichten.
Het kind: Bewegingen beinvloeden de meting sterk, dit weet iedereen die baby’s weegt. Inbakeren tijdens het wegen voorkomt bewegingsartefacten. Ook hier geldt: herhaaldelijk meten en het gemiddelde berekenen bevordert de waarde van de meting.
De techniek: 2 gewichten van elkaar aftrekken met als resultante een gewicht dat onder de door de KNMP geaccepteerde afwijking van 1% ligt (bv 30 gram bij een kind dat 3 kg weegt) is per definitie een statistisch onjuiste methode. Als de gewichten dan door beweging extra afwijken van de werkelijkheid dan kan het verschil tussen voor en na voeding gemeten waardes relatief nog sterker gaan afwijken van de werkelijke intake. Nauwkeuriger meten heeft direct effect op de waarde van deze resultante.
Testwegen zoals hier beschreven (slechts eenmalige metingen, niet ingebakerd, morsen bij 44%) is, zoals door de auteurs wordt geconcludeerd en door anderen bevestigd, onbetrouwbaar (1,2).
In plaats van vervolgens het hele testwegen te ontraden is een genuanceerder advies op zijn plaats.
Gelukkig is dit advies inmiddels beschreven door Haase et al. (4):
* Weegschaal stabiel horizontaal plaatsen
* Kind inbakeren tegen bewegingsartefacten
* Per meetmoment minstens 2x meten en bij een verschil van > 5 gram nogmaals meten totdat 2 metingen met < 5 gram verschil gemeten zijn. Hiervan het gemiddelde berekenen.
* Bereken het verschil in gewichtsgemiddelden
* Stel een ondergrens van betrouwbaarheid vast waaronder de uiteindelijke uitkomst als niet betrouwbaar wordt beschouwd op statistische gronden (bv 1 % dus < 20 ml bij een kind van 2 kg)
Hierbij bleek de correlatie tussen gewichtstoename en intake prima voor kinderen tussen 1,5 en 3 kg bij een intake tussen 20 en 80 ml.
Dit is een voor de dagelijkse praktijk zeer bruikbare uitkomstmarge en haalbare testweegmethode.
“Testwegen” is dus een bruikbare methode om voedingsintake te meten mits op de juiste wijze uitgevoerd (4).
Erica Post, kinderarts, St Antoniusziekenhuis Nieuwegein/ Utrecht