Van gen naar ziekte; neonatale diabetes mellitus en het KCNJ11-gen

Klinische praktijk
A.S. Slingerland
G.J. Bruining
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2005;149:2732-6
Abstract

Inleiding

de ziekte

Neonatale diabetes mellitus (DM) is een zeldzame erfelijke aandoening, gekenmerkt door verminderde insulinesecretie. Voordat de genetische etiologie bekend was, was de definitie gebaseerd op klinische criteria, met als primair criterium insulineafhankelijkheid, optredend tussen de 4 weken en 3 maanden na de geboorte.1 2

Er worden twee klinische vormen van neonatale DM onderscheiden, een voorbijgaande (59-60) en een blijvende (40-50). Voorbijgaande neonatale DM (TNDM) gaat na enkele weken tot maanden in remissie. Er is dan geen insuline meer nodig en er zijn geen tekenen meer van ?-celdisfunctie of insulineresistentie.3 Echter, een groot aantal kinderen met deze aandoening krijgt later, bijvoorbeeld in de puberteit, niet-insulineafhankelijke DM.1 4 Bij TNDM reageren ?-cellen minder op glucose, maar met een normale respons op glucagon.5 Permanente neonatale DM (PNDM) gaat niet in remissie. Deze vorm wordt later gediagnosticeerd, maar dan zijn hogere insulinedoses nodig. Overige klinische kenmerken van deze…

Auteursinformatie

Erasmus MC-Sophia Kinderziekenhuis, afd. Kindergeneeskunde, Rotterdam.

Mw.A.S.Slingerland, arts-onderzoeker; hr.prof.dr.G.J.Bruining, kinderarts-diabetoloog.

Contact mw.A.S.Slingerland, Cornelis van Rijplantsoen 28, 1063 MC Amsterdam

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties