Artikel
Stel: tijdens een controle op de polikliniek Geriatrie zie je een 78-jarige man, bij wie enkele maanden geleden de ziekte van Alzheimer is vastgesteld. In eerdere gesprekken heb je uitgelegd dat de cognitieve achteruitgang gevolgen kan hebben voor zijn rijgeschiktheid en heb je hem geadviseerd niet meer auto te rijden…



Invloed geneesmiddelen rijvaardigheid
Met interesse heb ik uw artikel over rijgeschiktheid gelezen. Fijn om te zien dat er aandacht wordt besteed aan dit onderwerp. Mijn naam is Amber Hofstede en ik werk als apotheker bij het Geneesmiddel Informatie Centrum (GIC) van de KNMP. Vanuit die rol ben ik onder andere betrokken bij de contra-indicatie Verkeersdeelname en dus ook het opstellen van rijvaardigheidsadviezen voor geneesmiddelen.
Tijdens het lezen viel mij een formulering op in de paragraaf 'Bij welke medicatie moet je alert zijn op de rijgeschiktheid en waarom?'. Daar staat:
"Geneesmiddelen in de categorie 0, I en II beïnvloeden de rijvaardigheid niet."
Deze formulering is echter niet correct. Alleen geneesmiddelen in categorie 0 hebben geen relevante invloed op de rijvaardigheid. Geneesmiddelen in categorie I en II kunnen de rijvaardigheid wel beïnvloeden, respectievelijk in geringe of matige mate. Dit sluit ook aan bij de verdere toelichting van de categorie-indeling in het artikel.
Ik wilde dit graag onder uw aandacht brengen. Mocht het artikel nog kunnen worden aangepast, dan zou dat zeer gewaardeerd worden om eventuele misverstanden bij lezers te voorkomen.
Onmacht bij beperken rijvaardigheid
In de praktijk had ik een patiënt, die reed op een taxibusje voor kinderen. Ik wist dat hij dronk, sterker nog zijn CDT was 10%. Allereerst de patiënt aangesproken dat dit gevaarlijk was. Overleg gehad met de KNMG, die niet verder kwam dan in gesprek gaan met de patiënt. Uiteindelijk CBR gebeld: ook hier geen beter advies dan in gesprek gaan met de patiënt en zo nodig de politie te alarmeren bij het zien van gevaarlijk rijgedrag (tijdens het spreekuur?). In deze ongemakkelijke situatie toch de rol van de dominante huisarts aangenomen en gedreigd hem aan te geven als hij zijn drinken niet zeer sterk zou reduceren. Afgesproken wekelijks zijn CDT te controleren tot "normale" waarden. Hij liet zich gezeggen en er zijn gelukkig geen ongelukken gebeurd. Mijn les is dat je bij dit soort problemen niets aan het CBR hebt; zij lijken te ver van de werkelijkheid af te staan. Dus maar beter bluffen.