Richtlijnen genezen niet

Opinie
Joost P.H. Drenth
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:B831

artikel

De richtlijn ‘Overgewicht’ voor de jeugdgezondheidszorg is uit (A4718). In dit nummer hebben we ruimte gemaakt voor een commentaar op deze richtlijn. De reden daarvoor is duidelijk: overgewicht is een groot probleem. Iedere volwassene wordt per jaar gemiddeld zo’n 0,5 kg zwaarder, jaar na jaar. Er wordt al lang gesproken van een overgewichtsepidemie en nu zie je zo zoetjesaan ook de contouren van het probleem ontstaan. De gevolgen van overgewicht, zoals het metabool syndroom en de vette lever, zien we dagelijks in de praktijk. Wat te doen met deze aanwassende golf van zware patiënten? Als dokters hebben we de adequate verdedigingslinie gevonden in ‘De richtlijn’. Die helpt ons te laveren door de veelheid aan keuzes die we hebben bij de begeleiding van de patiënt. Maar verstoppen wij ons niet in het schuttersputje met al die richtlijnen? De afgelopen jaren is een reeks aan richtlijnen verschenen over de begeleiding van overgewicht. We hebben de multidisciplinaire richtlijn ‘Diagnostiek en behandeling van obesitas bij volwassenen en kinderen’ (Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:2071-6), maar ook een voor huisartsen (A2834), chirurgen (A4630) en nu dus voor de jeugdgezondheidszorg. Kort en goed komen deze voorschriften erop neer dat je overgewicht niet geneest met pillen, dat bariatrische chirurgie een beetje helpt maar ook niet meer dan dat, en dat je met bewegen en minder eten kunt afvallen. In dit nummer treft u een commentaar van Tanja Vrijkotte en collega’s aan op de laatst verschenen jeugdgezondheidszorgrichtlijn (A4907). Zij schetsen het belang van een richtlijn voor jongeren met overgewicht, maar constateren tegelijkertijd dat het probleem te groot is om met een richtlijn onder controle te krijgen. Inderdaad, richtlijnen genezen niet. Ik ben zelf pessimistisch gestemd over het nut ervan. Volgens mij kunnen we richtlijnen schrijven totdat we een ons wegen, maar gaan onze patiënten er echt niet slanker van worden. In onze maatschappij beginnen we ons te realiseren dat het overgewichtsprobleem niet vanzelf weggaat, maar verder dan wat omtrekkende bewegingen komen we niet. Maatje 36 van vandaag is maat 38 van gisteren, vliegtuigbouwers plaatsen bredere stoelen en, als we het echt niet meer weten, ontzetten we ouders van te dikke kinderen uit de ouderlijke macht. Hiermee gaan we het gevecht tegen overgewicht echter niet winnen, net zo min als met het advies uit de richtlijn aan de patiënt van 136 kg om dagelijks een blokje om te lopen. Als dokters zijn we bij elke ziekte steeds op zoek naar de oorzaak van het probleem. Misschien dat we daar maar meer energie in moeten steken dan in het schrijven van de volgende richtlijn over dit onderwerp.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties

In de zeventiger jaren toen ik praktiserend arts was, kenden we dit probleem niet, maar in die tijd werd er wel veel gerookt, ook door mijzelf. Dit gaf  rust en ontspanning. Ik zie daarom verband met het uitbannen van het roken en de toename van het overgewicht. Velen snoepen en eten om spanning en onlustgevoelens van de dag weg te nemen. Om het ontstaan van overgewicht te voorkomen zou er iets anders bedacht moeten worden dan benzodiazepines  en orale bevrediging om rust en ontspanning te bereiken. Sommigen doen dit met yoga en meditatie, maar er moet nog iets anders bedacht worden dat effectief is in dit opzicht voor de hele bevolking. 

Hans Haantje