Richtlijn ‘Behandeling van astma bij kinderen’

3 controversiële behandelopties
Richtlijnen
22-05-2012
Bart L. Rottier, Hettie M. Janssens, Johan C. de Jongste, Marianne L. Brouwer, Elianne J.L.E Vrijlandt en Nicole Boluyt
  • In het kader van evidencebased richtlijnontwikkeling door de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde zijn de 3 belangrijkste controversen in de astmabehandeling bij kinderen door middel van systematisch literatuuronderzoek uitgezocht en beoordeeld op kwaliteit van bewijs volgens GRADE (‘Grading of Recommendations Assessment, Development and Evaluation’). Ondanks een lage kwaliteit van het bewijs heeft deze methode toch geleid tot duidelijke, zij het zwakke, aanbevelingen, waarbij de overwegingen die daarbij een rol spelen duidelijk zijn gemaakt.

  • Bij jonge kinderen met ernstig en/of frequent piepen wordt in eerste instantie een onderhoudsbehandeling met een inhalatiecorticosteroïd (ICS) geadviseerd. Bij een slechte inhalatietechniek kan als alternatief voor ICS een leukotrieenreceptorantagonist (LTRA) gegeven worden.

  • Inhalatiecorticosteroïden met extrafijne deeltjes worden niet specifiek als eerste keus geadviseerd bij jonge kinderen.

  • Wanneer de astmacontrole ondanks gebruik van ICS onvoldoende is, wordt geadviseerd om de dosis ICS te verdubbelen, nadat ongunstige omgevingsfactoren zijn uitgesloten. Bij opnieuw onvoldoende effect wordt een combinatiepreparaat (ICS + langwerkende luchtwegverwijder) bij kinderen > 4-6 jaar voorgeschreven.