Ouderen met kanker ook naar geriater?

Het nut van een geriatrisch assessment
Commentaar
13-08-2019
Kathelijn S. Versteeg en Henk M.W. Verheul

Reacties (1)

Inloggen om een reactie te plaatsen
Feikje v Stiphout
09-09-2019 10:55

Perspectief van oudere zelf ontbreekt

In dit artikel over ouderen met kanker en het nut van een geriatrisch assessment bij de gezamenlijke besluitvorming mist in de discussie de plek die de oudere met kanker zelf inneemt in de gezamenlijke besluitvorming. Een beperkt geriatrisch assessment richt zich op de informatie die de arts nodig heeft om patiënten goed te informeren over voor- en nadelen van de oncologische behandeling. Waarschijnlijk worden behandelplannen inderdaad beter als er een completer beeld is van cognitieve, functionele, en sociale beperkingen. 

Maar het aanbieden van meerdere alternatieven die vanuit medisch perspectief zijn geformuleerd is geen gezamenlijke besluitvorming. Het is pas gezamenlijk als ook het perspectief van patiënten duidelijk is en wordt meegewogen. Dit geldt zeker voor ingrijpende behandelingen waarvan de uitkomst bij ouderen onzeker is. Zowel arts als patiënt hebben dus een dubbele taak bij beslissingen over dit soort behandelingen: patiënten moeten de medische informatie van artsen zien te begrijpen en erachter komen wat zij zelf belangrijk vinden. Artsen moeten erachter komen of de behandeling past bij de manier waarop de patiënt in het leven staat en zorgen voor zo begrijpelijk mogelijke informatie. Als artsen gaan we er teveel vanuit dat patiënten wel weten wat ze belangrijk vinden. We denken dat we onze taak goed doen als we zorgen dat patiënten onze informatie goed begrijpen. Maar mensen, en dus ook patiënten, weten niet vanzelfsprekend wat belangrijk voor hen is. 

Daniel Kahneman, Nobelprijswinnaar in de economie, deed onderzoek naar hoe mensen beslissingen nemen. (1) Hij ontdekte dat we het meest geneigd zijn ons snelle en intuïtieve systeem 1 te gebruiken, waarbij we afgaan op onze vooroordelen, beelden die we kennen uit onze omgeving, en angsten. We gebruiken dan geen rationele argumenten voor ons besluit. Als we dieper over iets nadenken dan spreken we ons langzame en doordachte systeem 2 aan. Dan wegen we onze reële kansen mee en gaan we na wat in ons leven echt belangrijk is. Ook ouderen met kanker zullen eerst hun systeem 1 aanspreken, voor veel mensen betekent dit: "ik moet vechten tegen de kanker" of “ik heb de gevolgen van deze behandeling gezien bij mijn moeder, dat wil ik nooit”. Dit is niet altijd de keuze die uiteindelijk ook past bij de andere aspecten van het leven die voor hem of haar belangrijk zijn.

Hoe arts en patiënt kunnen samenwerken om tot betekenisvolle zorg te komen is weer een aparte vraag. Maar wij zijn ervan overtuigd dat patiënten ons zullen inspireren en ons veel zullen leren over het leven en het leven met een ziekte, waardoor we uiteindelijk betere zorg kunnen leveren. (2) 

Dr. Feikje van Stiphout, arts in opleiding tot internist ouderengeneeskunde en klinisch farmacoloog, UMC Utrecht

Prof. Dr. Hans van Delden, hoogleraar medische ethiek, UMC Utrecht

Referenties

1. Daniel Kahneman, Thinking Fast and Slow; Farra, Straus and Giroux, NY, 2011

2. Bas Bloem op TEDxMaastricht https://www.youtube.com/watch?v=LnDWt10Maf8