Veel fouten bij gentherapeutisch sterfgeval
Open

Nieuws
18-02-2000
J.B. Meijer van Putten

Onderzoekers van de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) hebben een definitief rapport uitgebracht over het overlijden van de 18-jarige Jesse Gelsinger tijdens een experimentele gentherapeutische behandeling. Uit het rapport blijkt dat de richtlijnen voor dit soort onderzoek tenminste 18 keer zijn overtreden. De leider van het experiment, de aan het Pennsylvania Institute for Human Gene Therapy verbonden dr. James Wilson, wordt nu beschuldigd van schendingen van het onderzoeksprotocol. Acht andere door hem geleide experimenten met gentherapie zijn ook stopgezet (The Washington Post, 22 januari 2000).

De in het FDA-rapport beschreven overtredingen betreffen veelal kleine tekortkomingen in de verslaglegging, zoals het ontbreken van de naam van degene die de patiënt heeft voorgelicht of een onjuiste datering. Toch tilt de FDA hier zwaar aan omdat het om een steeds terugkerend patroon gaat. Bijzonder kwalijk acht de organisatie dat er op de toestemmingsformulieren van de helft van de deelnemers niets te vinden is waaruit blijkt dat ze afdoende op de hoogte zijn gebracht van de aan het experiment verbonden risico's of van de daarbij noodzakelijke ingrepen als een invasieve leverbiopsie. Op de toestemmingsformulieren staat ook niet vermeld dat apen tijdens vergelijkbare experimenten zijn overleden en dat in eerdere stadia vrijwilligers te kampen hebben gehad met ernstige bijwerkingen. De aan de universiteit van Princeton verbonden geneticus Leon Rosenberg vraagt zich daarom in The Washington Post af of je hier nog wel kunt spreken over ‘informed consent’.

Er zijn de afgelopen jaren al vaker patiënten tijdens een experiment met gentherapie gestorven, maar daarbij ging het steeds om terminaal zieken. De nu overleden patiënt, de 18-jarige Jesse Gelsinger uit Arizona, had in de tijd voorafgaand aan de gentherapie echter een goede conditie. Hij leed aan een gedeeltelijke ornithinetranscarbamylase(OTC)-deficiëntie, een zeldzame metabole aandoening die onbehandeld kan leiden tot een gevaarlijke opstapeling van ammoniak in het lichaam. Gelsinger kon zijn ziekte met medicijnen en een eiwitarm dieet goed onder controle houden, maar toch wilde hij graag deelnemen aan een onderzoek van de universiteit van Pennsylvanië dat gericht was op het vinden van een echte genezing. Bij dit experiment bracht men het normale OTC-gen in de levercellen met behulp van een genetisch gemodificeerd adenovirus. Gelsinger kreeg een bijzonder hoge dosis en stierf vier dagen later aan het ‘adult respiratory distress syndrome’ (zie ook deze rubriek, 1999:2329 en 2000:44-45).

De veroordeling door de FDA is een gevoelige klap voor het gentherapeutisch onderzoek, dat een hoge vlucht heeft genomen na de eerste behandeling in 1990 (bij een 4-jarig meisje met een adenosinedeaminasedeficiëntie). Inmiddels hebben er al zo'n 5000 patiënten met allerlei ziekten aan experimenten deelgenomen. Hoewel de financiële belangen van de deelnemende firma's enorm zijn, moet de eerste genezing overigens nog steeds worden gedocumenteerd. De laatste jaren was er veel kritiek, de wetenschappers zouden bij gentherapie te snel gaan en daardoor de patiënten in gevaar brengen.