Uitzuigen levendige pasgeborene echt niet nodig

Uitzuigen levendige pasgeborene echt niet nodig
Open

Nieuws
19-06-2013
Esther van Osselen

Het afvegen van het gelaat van een levendige pasgeborene is even veilig als oronasofaryngeaal uitzuigen. Dat blijkt uit een RCT onder 488 pasgeborenen in het universiteitsziekenhuis van het Amerikaanse Birmingham in Alabama (Lancet.2013; epub 3 juni). De conclusies van het onderzoek ondersteunen de aanbevelingen in zowel Amerikaanse als Nederlandse nationale reanimatierichtlijnen voor pasgeboren, die routinematig uitzuigen afraden.

John Kelleher en zijn collega’s wezen 242 pasgeborenen met een goede start toe aan uitzuigen van neus en keel met een ballonspuitje. Bij 246 anderen werden neus en mond voorzichtig afgeveegd met een doek. Als primaire uitkomstmaat kozen de auteurs voor de gemiddelde ademhalingsfrequentie in de eerste 24 uur. Secundair keken zij naar opname op de neonatale IC-unit (NICU), apgarscores na 1 en 5 minuten, reanimatie na de geboorte (intubatie, beademing, hartmassage, medicatie), tachypneu (ademhalingsfrequentie: > 60/min) gedurende de eerste 24 uur, en zuurstofsaturatie bij ontslag.

In de ‘intention to treat’-analyse was het verschil in ademhalingsfrequentie 1 per minuut: 51/min in de afveeggroep tegen 50/min in de uitzuiggroep, een significant, maar klinisch niet relevant verschil. Geen van de secundaire uitkomstmaten verschilden significant, al was er een trend naar meer NICU-opnamen in de afveeggroep (18 vs. 12%).

De interpretatie van de resultaten wordt enigszins bemoeilijkt doordat het protocol regelmatig niet werd gevolgd: 64 van de pasgeborenen in de afveeggroep werden uitgezogen, en 34 in de uitzuiggroep afgeveegd. In de ‘per treatment’-analyse bleven de 2 interventies echter gelijkwaardig, schrijven de onderzoekers.