Britten hebben epidemie vrijwel volledig in beeld

Nieuws
26-04-2021
Lucas Maillette de Buy Wenniger

Britse onderzoekers startten tijdens de eerste maanden van de covid-19-pandemie met een landelijke gegevenskoppeling, waarmee ze gegevens van meer dan 96% van de populatie geanonimiseerd beschikbaar maakten voor aangesloten onderzoeksgroepen. Met informatie over 54,4 miljoen personen is het meteen de grootste populatiestudie van de wereld (Br Med J. 2021; online 7 april).

De gegevenskoppeling, een initiatief van de Britse hartstichting, was in eerste instantie bedoeld om het verband tussen covid-19 en hart- en vaatziekten in kaart te brengen. Ze groeide echter al snel uit tot een nationale database voor informatie over de epidemie op populatieniveau. Met een voor Nederland jaloersmakende visie ontwierp een consortium in korte tijd een structuur om medische gegevens vanuit huisartsen, ziekenhuizen, laboratoria en de overlijdensregistratie geanonimiseerd in één systeem beschikbaar te maken. Het is de bedoeling om er binnenkort nog meer gegevensbronnen aan te koppelen, zoals de registratie van de IC-zorg en van de vaccinatiecampagne. Uiteindelijk hebben geregistreerde onderzoekers toegang tot alle data, waarbij de privacy van individuele patiënten gewaarborgd is.

Dankzij de landelijke database beschikken de onderzoekers nu over een heel nauwkeurig beeld van de epidemie. In de periode 1 januari-31 oktober 2020 kregen bijvoorbeeld 959.470 Britten covid-19. De database maakt ook allerlei uitsplitsingen naar bijvoorbeeld geslacht, leeftijd en sociale of etnische achtergrond mogelijk. In de paper in The BMJ gaan de onderzoekers niet verder dan het beschrijven van de populatiestudie, maar het lijkt duidelijk dat deze gegevenskoppeling de komende jaren nog bij veel wetenschappelijke vragen zal worden ingezet.

Het begeleidende redactionele commentaar kijkt ook vooral vooruit naar de onderzoeksmogelijkheden die de datakoppeling oplevert. Welke antwoorden het geheel precies zal brengen, is nog even afwachten, maar we kunnen er nu al van leren hoe je een nationaal gezondheidsprobleem ook echt op dat niveau en binnen daarvoor speciaal ontworpen structuren kunt aanpakken.