Alternatieve geneeskunde in het ziekenfondspakket.
Open

Nieuws
09-12-1998
J.B. Meijer van Putten

Alternatieve geneeskunde in het ziekenfondspakket. - De Zwitserse minister van Volksgezondheid, Ruth Dreifuss, heeft in juli dit jaar een vijftal alternatieve behandelingsmethoden in het ziekenfondspakket opgenomen: traditionele Chinese geneeswijzen, homeopathie, neuraaltherapie, fytotherapie en antroposofische geneeskunde. Zwitserland is het eerste land waar een alternatief pakket van een dergelijke omvang wordt vergoed en het is dan ook moeilijk te voorzien wat men hiervan kan verwachten. Onder experts is het namelijk omstreden in hoeverre de opname van dergelijke alternatieve geneeswijzen in het ziekenfondspakket zinvol is. Ook weet men niet of dit leidt tot bezuinigingen of juist tot een duurder worden van de basisverzekering.

De Baselse hoogleraar Gezondheidseconomie Jürg Sommer beschrijft in de Neue Zürcher Zeitung (12 november 1998) de resultaten van een door hem uitgevoerd experiment waarbij een aantal ziekenfondsverzekerden gedurende drie jaar gratis een aanvullend pakket voor alternatieve geneeskunde kreeg. Deze proefpersonen bleken de alternatieve geneeswijzen als extraatje naast de reguliere geneeskunde te benutten. Sommer verwacht dus in Zwitserland een verdere stijging van de kosten van de gezondheidszorg.

Sommers experiment werd uitgevoerd in opdracht van het Zwitserse ziekenfonds Helvetia. Dat verschafte in 1993 aan 7500 van haar verzekerden gratis een extra pakket voor alternatieve geneeswijzen. Vervolgens werd hun handelwijze drie jaar lang vergeleken met die van verzekerden zonder extra alternatief pakket. Overigens kregen ook deze laatsten naast een vergoeding voor de reguliere geneeswijzen een minimale dekking voor alternatieve vormen van therapie. Voor de aanvang van het onderzoek, in 1992, maakten beide groepen patiënten nauwelijks gebruik van alternatieve vormen van therapie (0,6 in de experimentele groep en 0,5 in de controlegroep). Drie jaar later was dat cijfer in de alternatieve groep 6,6 geworden, maar ook in de controlegroep was het gebruik van alternatieve vormen van therapie toegenomen, zij het in mindere mate (tabel 2).

Beide groepen patiënten bleken de alternatieve geneeswijzen vrijwel niet geïsoleerd, maar overwegend in combinatie met de conventionele geneeskunde te benutten; in het laatste jaar van het onderzoek werd minder dan 1 van de verzekerden uitsluitend alternatief behandeld. Voor het begin van het experiment lagen de door het ziekenfonds vergoede uitgaven aan de alternatieve geneeswijzen op slechts enkele Zwitserse franken per persoon. In 1995 was dit opgelopen naar 30 frank in de experimentele groep en 18 frank in de controlegroep.

Prof.Sommer concludeert dus dat de resultaten van zijn experiment geen enkele bevestiging leveren voor de opvatting dat de alternatieve geneeswijzen een besparing opleveren voor de uitgaven aan de gezondheidszorg. Ze komen er gewoon bovenop. Overigens had de uitbreiding van het ziekenfondspakket met de alternatieve geneeskunde geen merkbaar effect op de hoogte van de ziekenfondsuitgaven; daarvoor was het gebruik te gering. ‘Maar’, zo benadrukt Sommer, ‘dat kan snel veranderen, want het aanbod aan alternatieve geneeswijzen neemt in Zwitserland snel toe.’