Hoe onderscheid je normaal vaginaal bloedverlies van een menstruatiestoornis? En welke menstruatieklachten kun je als huisarts zelf behandelen? Dit artikel beantwoordt deze en andere veelvoorkomende vragen uit de praktijk.
Toets voor nascholing
Aan dit artikel is een toets gekoppeld waarmee je nascholingspunten kan verdienen. De toets is beschikbaar tot 10 februari 2028.
Overzicht van te behalen accreditatiepunten
| Specialisme | Punt(en) |
|---|---|
| Alle BIG-erkende specialismen | 1 |
- Deze toets geldt voor alle BIG-erkende specialismen en levert je 1 nascholingspunt op. De toets is geaccrediteerd door ABAN, NAPA, KNMP, NVZA en V&VN.
- De toets telt mee binnen en buiten het eigen vakgebied voor medisch specialisten, huisartsen, sociaal geneeskundigen, specialisten ouderengeneeskunde, apothekers, physician assistants en verpleegkundig specialisten.
- De toewijzing van punten verloopt via PE-online (het herregistratiesysteem) na het invullen van je BIG-nummer.
Samenvatting
Menstruatiestoornissen behoren tot de meest voorkomende klachten in de huisartsenpraktijk. Deze klachten hebben een grote impact op kwaliteit van leven, werk en welzijn, maar blijven vaak onderbelicht. De huisarts speelt een sleutelrol in herkenning, diagnostiek en behandeling. Het onderscheid tussen fysiologische variatie en een menstruatiestoornis is niet altijd eenvoudig. De diagnostiek omvat de anamnese, menstruatiekalender, echografisch onderzoek en zo nodig bepaling van de hemoglobine- en ferritineconcentratie en de stollingswaarden. In de eerste lijn behoren hormonale anticonceptie (combinatiepil, preparaten met alleen progesteron, hormoonspiraal), tranexaminezuur en NSAID’s tot de behandelmogelijkheden. Verwijzing naar de tweede lijn is geïndiceerd bij uitblijvend effect van de medicamenteuze behandeling, verdenking op structurele afwijkingen van de uterus of bij ernstige anemie. In de tweede lijn zijn medicamenteuze en invasieve behandelopties beschikbaar.
Reacties