artikel
De diagnose ‘kanker’ is een hard gelag. Is gelach in de spreekkamer dan wel passend? Jazeker, en wellicht meer dan je denkt. Vooral omdat de patiënt humor doorgaans waardeert.
Dat viel mij recent pas op. In mijn ziekenhuis krijgen alle patiënten met kanker sinds een tijdje de ‘Value First’-vragenlijst waarin we structureel vragen naar wat zij waardevol vinden. Vragen zijn bijvoorbeeld: hoe wilt u beslissen met de zorgverlener, wat is voor u belangrijk als mens, en ook: wat wilt u dat wij over u weten?
Mits goed ingezet, werkt humor ontspannend en relativerend
Op de laatste vraag antwoordt de meerderheid: ik vind humor belangrijk. Vaak is dat zelfs het enige wat ze daarop antwoorden.
Deze patiënten voelen het goed aan. Mits goed ingezet, werkt humor namelijk ontspannend en relativerend. Juist binnen de dreiging of absurditeit van het ziekzijn. Ook kan het helpen om uitleg over een ziekte of behandeling beter te laten beklijven. Zo vergelijk ik de werking van testosteron op prostaatkanker met het effect van Pokon op onkruid.
En let op: patiënten zelf gebruiken humor soms om serieuze problemen ter sprake te brengen. Het helpt hen bij het omgaan met emoties.
Uit Nederlands onderzoek blijkt ook dat vrijwel alle oncologen humor inzetten in de spreekkamer, ook in de palliatieve setting. En patiënten ervaren het positieve effect ervan. Wel zijn er valkuilen: soms is een grap niet gepast. Ook deelt niet iedereen hetzelfde gevoel voor humor.
Dat geeft het belang aan van een juiste inzet én begrip van humor. De zorgverlener moet humor in de spreekkamer ook niet verwarren met grappen tijdens de overdracht of vergaderingen. Verschillende momenten hebben specifieke deelnemers en een eigen vorm van luchtigheid. Verkeerde inzet is een recept voor ellende.
We zouden er daarom goed aan doen om passend gebruik van humor prominenter op de (na)scholingsagenda te zetten. Trouwens, niet alleen voor artsen, maar ook voor alle anderen die in de zorg werken.
Verplichte humorpunten, ik zie er wel wat in.




Reacties