Het teentourniquetsyndroom
Open

Casuïstiek
23-12-1997
V.J.M. Leferink en J.M. Klaase

Bij 2 jongetjes van 4 maanden en 1 meisje van 2 maanden waren 1 of 2 tenen rood en oedemateus, terwijl bij 1 jongetje van 3 weken 1 teen necrotisch was geworden. Bij de eerstgenoemde 3 kinderen waren de aangedane tenen omwikkeld met een haar; die werd onder narcose verwijderd, waarna herstel volgde. Bij het laatstgenoemde kind was amputatie door de basisfalanx noodzakelijk. Het teentourniquetsyndroom is een voornamelijk bij zuigelingen voorkomende aandoening, waarbij strangulatie van tenen met circulair aanwezig vreemd materiaal zoals een haar of draad leidt tot oedeem en verder toenemende insnoering. Bij tijdige behandeling treedt een goed herstel op. Uitgestelde of onvolledige behandeling kan leiden tot necrose, waarna amputatie noodzakelijk kan zijn.

Inleiding

Strangulatie van één of meer tenen bij baby's kan een gevolg zijn van de accidentele omwikkeling van de tenen met een – soms nauwelijks zichtbare – haar of met een draadje. Deze aandoening wordt in de literatuur ‘het teentourniquetsyndroom’ genoemd. De omwikkeling heeft stuwing, oedeem en roodheid tot gevolg.1 Het syndroom wordt gemakkelijk verward met paronychia, met een brandwond of met een kneuzing; door onbekendheid met het beeld brengt men het soms ten onrechte in verband met kindermishandeling.2 Men kan de aandoening eenvoudig verhelpen door tijdig de strangulerende haar of draad te verwijderen. Ter illustratie worden 4 patiënten beschreven.

ZIEKTEGESCHIEDENISSEN

Patiënt A, een bijna 4 maanden oude jongen, werd opgenomen wegens roodheid en oedeem van een teen sinds 2 dagen. Bij inspectie werd gezien dat een klein stukje haar uit een insnoering in het distale deel van de teen stak. Onder narcose werd de circulair aanwezige haar verwijderd. Het herstel was voorspoedig.

Patiënt B, een 3 weken oude jongen, kwam onder behandeling in verband met necrose van de rechter hallux. De aandoening was begonnen met oedeem enkele dagen na de geboorte; de oorzaak was onbekend. De teen werd door de basisfalanx geamputeerd. Hoewel geen haar werd aangetroffen, werd het teentourniquetsyndroom achteraf als een waarschijnlijke oorzaak aangemerkt.

Patiënt C, een 4 maanden oude jongen, had strangulatie van de 2e en de 3e teen van de linker voet door een haar die in achtvorm om deze tenen gewikkeld was. Beide tenen waren gezwollen en rood. Onder narcose kon de haar verwijderd worden. Het oedeem verdween en geleidelijk keerde de normale kleur terug.

Patiënt D was een 2 maanden oud meisje dat onder behandeling kwam van de huisarts in verband met huilen en algehele malaise sinds 1 dag. De moeder, die halflang haar had, meldde als enige bijzonderheid dat sinds 1 dag de 3e en de 4e teen van de rechter voet van het meisje rood waren. Bij nauwkeurige inspectie met een loepbril bleek dat deze tenen omwikkeld waren met een haar. Er bestond een insnoering aan de basis en de tenen waren oedemateus en rood. Onder narcose werd de haar verwijderd. Het herstel was voorspoedig.

BESCHOUWING

Het teentourniquetsyndroom is een relatief onbekende, maar waarschijnlijk niet zeldzame aandoening. Huisartsen, kinderartsen en consultatiebureau-artsen zullen af en toe met de aandoening geconfronteerd worden. Exacte gegevens over de incidentie ontbreken.

Strangulatie van tenen door de insnoerende werking van circulair aanwezig vreemd materiaal wordt in de literatuur vanuit twee invalshoeken beschreven. Ten eerste zijn er – voornamelijk casuïstische – publicaties over kinderen met strangulatie van tenen, genitalia en nek.13-9 Ten tweede zijn er beschouwende artikelen over onterechte beschuldigingen van kindermishandeling als gevolg van een foutieve diagnose bij onbegrepen ziektebeelden.21011

Bij het teentourniquetsyndroom is er aanvankelijk een toevallige omwikkeling van een teen met een haar of draad. Door oedeem treedt een insnoering van de haar of draad door de huid op die tot dicht bij het bot kan doorgaan. De strangulerende haar of draad is nu bij oppervlakkige beschouwing niet meer waar te nemen (figuur 1). In veel gevallen gaat het om halflang of lang haar, afkomstig van de moeder of een andere verzorg(st)er. Mogelijk speelt hierbij het verhaken van de grove schubben van middellange haren een rol (figuur 2). De ophoping van haren en draden in de voetjes van zogenaamde boxpakjes kan tevens van belang zijn, evenals haaruitval bij de moeder na de partus.

De behandeling vindt waarschijnlijk in veel gevallen in een vroeg stadium plaats doordat de ouders de haar afwikkelen. Door het oedeem en de diepe insnoering is het over het algemeen moeilijk om het corpus alienum te verwijderen zonder de overige huid te beschadigen. Soms heeft de haar of draad een ware snijwond veroorzaakt. Het oplossen of verzwakken van de haar met een ontharingsmiddel zou het verwijderen kunnen vergemakkelijken,3 maar dit heeft mogelijk een etsend effect op de oedemateuze huid ter plaatse. In een wat later stadium van de aandoening zal chirurgische behandeling moeten plaatsvinden.

Bij diepe insnoering wordt ter verwijdering van de strangulerende haar of draad een lengte-incisie tot op het bot geadviseerd.

Indien de aandoening onbehandeld blijft of te laat herkend wordt, kan necrose optreden van het gestranguleerde deel; waarschijnlijk was de necrose bij patiënt B zo ontstaan.

Wij danken dr.E.W.Kummer, chirurg, Medisch Spectrum Twente, Enschede, voor zijn bijdrage aan dit artikel.

Literatuur

  1. Quinn jr NJ. Toe tourniquet syndrome. Pediatrics1971;48:145-6.

  2. Biehler JL, Sieck C, Bonner B, Steumky JH. A survey ofhealth care and child protective services provider knowledge regarding thetoe tourniquet syndrome. Child Abuse Negl 1994;18:987-93.

  3. Douglas DD. Dissolving hair wrapped around aninfant's digit. J Pediatr 1977;91:162.

  4. Arato A, Szamosfalvi I. Strangulation of toe caused bymother's hair. Lancet 1978;1:1257-8.

  5. Kerry RL, Chapman DD. Strangulation of appendages by hairand thread. J Pediatr Surg 1973;8:23-7.

  6. Kindley AD, Todd RM. Accidental strangulation bymother's hair. Lancet 1978;1:565.

  7. McClure WJ, Gradinger GP. Hair strangulation of the glanspenis. Plast Reconstr Surg 1985;76:120-3.

  8. Narkewicz RM. Distal digital occlusion. Pediatrics1978;61:922-3.

  9. Summers JL, Guira AC. Hair strangulation of the externalgenitalia: report of two cases. Ohio State Med J 1973;69:672-3.

  10. Kirschner RH, Stein RJ. The mistaken diagnosis of childabuse. A form of medical abuse? Am J Dis Child 1985;139:873-5.

  11. Wong DL. False allegations of child abuse: the other sideof the tragedy. Pediatr Nurs 1987;13:329-33.