Harttransplantatie bij zuigelingen: een raming van behoeften en beperkingen

Klinische praktijk
A.J.J.C. Bogers
M. Dalinghaus
W. Weimar
A.H.M.M. Balk
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1999;143:2236-40
Abstract

Samenvatting

- De behoefte aan harttransplantatie op de kinderleeftijd in Nederland is te schatten op 5-14 per jaar, inclusief 1-3 bij zuigelingen.

- Deze behandeling kan alleen succes hebben in nauwe samenwerking met een bestaand harttransplantatieprogramma voor volwassenen en bij uitvoering in een centrum waar de chirurgische behandeling van congenitale hartafwijkingen in volle omvang wordt verricht.

- Er is geen plaats voor harttransplantatie als primaire behandeling voor zuigelingen met hypoplastisch-linkerhartsyndroom, aangezien de Norwood-operatie een goed alternatief is.

- Het donoraanbod is ook bij kinderen een probleem.

- Rond de behandeling van zuigelingen met een eindstadium van hartziekte bestaan ethische dilemma's, die toepassing van operatieve behandeling niet vanzelfsprekend maken.

Auteursinformatie

Academisch Ziekenhuis Rotterdam, Dr. Molewaterplein 40, 3015 GD Rotterdam.

Thoraxcentrum, afd. Thoraxchirurgie: prof.dr.A.J.J.C.Bogers, cardiothoracaal chirurg.

Afd. Kindercardiologie: dr.M.Dalinghaus, kindercardioloog.

Afd. Transplantatiegeneeskunde: prof.dr.W.Weimar, internist.

Afd. Cardiologie: mw.dr.A.H.M.M.Balk, cardioloog.

Contact prof.dr.A.J.J.C.Bogers (klomp@thch.azr.nl)

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties