Goede bedoelingen

Cecile Janssens
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2022;166:B1992

Er komt een grootschalig onderzoek naar de vroege opsporing van hart- en vaatziekten, nierschade en diabetes type 2 met behulp van zelftesten. NWO, de Hartstichting, de Nierstichting, het Diabetes Fonds en een aantal bedrijven tellen daarvoor maar liefst 9 miljoen euro neer. In dit onderzoek krijgen 160.000 mensen tussen de…

Auteursinformatie

Cecile Janssens is hoogleraar translationele epidemiologie aan Emory University in Atlanta. Ze is een van de 5 vaste columnisten voor het NTvG.

Contact C. Janssens (Redactie@ntvg.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties

Ron
Gansevoort

Wij danken Cecile Janssens hartelijk voor het bespreken van ons binnenkort te starten Check@Home onderzoek (1). Terecht wordt gewezen op nadelen van zelftesten waarbij fouten gemaakt kunnen worden door de gebruiker. In Check@Home gebruiken we dan ook geen zelftesten maar thuistesten, waarbij de uitslag elektronisch wordt uitgelezen door een app, dan wel door een centraal laboratorium. Dat verhoogt de betrouwbaarheid van deze testen. 

Vanzelfsprekend is uitgebreid vooronderzoek gedaan naar deze testen voordat wij subsidie aanvroegen. De thuistesten op atriumfibrilleren bleken daarbij gemakkelijk in het gebruik en betrouwbaar met een sensitiviteit en specificiteit van meer dan 97% (2,3). Deze hebben dan ook een CE keurmerk en zijn FDA / EMA goedgekeurd (4,5,6). In eigen vooronderzoek is ook het thuis verzamelen van een kleine hoeveelheid urine, die per post naar een centraal laboratorium wordt gestuurd voor bepaling van de albumine-creatinine ratio middels routine laboratorium methoden, gemakkelijk en betrouwbaar gebleken. De participatiegraad in een random sample van de Nederlandse bevolking in de leeftijd 45 tot en met 80 jaar bleek 59%. De sensitiviteit en specificiteit waren beiden >96%. Gezien deze bevindingen lijkt scepsis over de betrouwbaarheid van de te onderzoeken thuistesten niet nodig.

Een ander voorbeeld wat betreft thuistesten is de feces occult bloedtest. Deze doet het prima als onderdeel van de darmkanker screening. In dat opzicht is het opmerkelijk dat er voor maligniteiten meerdere screenings programma’s zijn, maar dat deze er niet zijn voor hart-, vaat-, en nierziekten en diabetes. Dat terwijl de sterfte aan deze aandoeningen hoog is, en veel mensen met deze aandoeningen nog niet bekend zijn, en dus ook niet behandeld.

Voortbouwend op deze overwegingen vonden wij en onze subsidiegevers het nu opportuun om na te gaan of we de positieve bevindingen uit vooronderzoek kunnen bevestigen in grootschalig proefbevolkingsonderzoek. Daarbij zullen wij vanzelfsprekend uitgebreid aandacht besteden aan het bepalen van participatiegraad, sensitiviteit, specificiteit en kosteneffectiviteit. Ook zullen we nagaan of we alle bevolkingsgroepen voldoende bereiken en de zorg niet overbelast wordt. We doen ons best en houden u graag op de hoogte.

Namens het Check@Home consortium, Ron Gansevoort (internist, UMC Groningen) en Folkert Asselbergs (cardioloog, UMC Utrecht)
Cecile
Janssens

De sensitiviteit en specificiteit van de app voor atriumfibrilleren zijn hoog (1), maar voor het opsporen van een zeldzame aandoeningen, mogelijk niet hoog genoeg. De lage incidentie van atriumfibrilleren geeft in een jong populatiecohort veel fout-positieven (1). Een test met een sensitiviteit en specificiteit van 100% en 98% zal bij een incidentie van 0,1% in dit cohort 160 nieuwe patiënten identificeren, maar het zal ook een positieve uitslag geven aan zo’n 3200 deelnemers zonder atriumfibrilleren. Het percentage fout-positieven is dan 95%. Bij een incidentie van 0,5% is het fout-positief percentage 80% en bij een incidentie van 1% is het 66%. Zakt de specificiteit naar 95%, dan is zelfs bij een incidentie van 1% het percentage fout-positieven 83%.  

De vraag is of de deelnemers, en later de bevolking, zo’n hoog percentage fout-positieven gaan accepteren: wegen de nadelen van screening op tegen de te verwachten gezondheidswinst? Bij de opsporing van kanker is een fout-positief screeningsresultaat uiteindelijk een opluchting, maar hoe overtuigend is die winst in een programma dat een verhoogd risico opspoort en uiteindelijk leefstijladviezen of wellicht medicatie gaat voorstellen? Strikt genomen is dat een vraag, goed onderzoek ontbreekt (2), maar een recente expert workshop van de National Heart, Lung, and Blood Institute (NHLBI) stelt voor om de voordelen van systematische screening te onderzoeken in oudere populaties, boven de 65 of zelfs boven de 75 jaar, of om te focussen op groepen met klinische risicofactoren (3). Het risico op atriumfibrilleren en het risico op de gevolgen daarvan zijn in andere groepen te laag om voldoende gezondheidswinst te verwachten.

Cecile Janssens
Literatuur
  1. Lopez Perales CR, et al. Mobile health applications for the detection of atrial fibrillation: a systematic review. Europace. 2021;23(1):11-28.
  2. Kahwati LC, et al. Screening for Atrial Fibrillation: Updated Evidence Report and Systematic Review for the US Preventive Services Task Force. JAMA. 2022;327(4):368-383.
  3. Benjamin EJ, et al. Research Priorities in Atrial Fibrillation Screening: A Report From a National Heart, Lung, and Blood Institute Virtual Workshop. Circulation. 2021;143(4):372-388.