Is gefixeerde slaapligging met 'babysleep' veilig en nuttig voor zuigelingen?

Klinische praktijk
G.A. de Jonge
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2002;146:1750
Download PDF

VRAAG 3. Op het consultatiebureau voor zuigelingen vragen ouders ons of de ‘babysleep’ veilig te gebruiken is wanneer de baby slaapt. De ‘babysleep’ bestaat uit 2 blokken schuimrubber, overtrokken met een hoes van badstof, welke machinewasbaar is. Wanneer de baby op de zij ligt, met de rug tegen het grote schuimblok, bevindt hij of zij zich in een natuurlijke positie, terwijl het kleine blok voorkomt dat het kind op de buik rolt. De ‘babysleep’ is ontworpen om de baby op een comfortabele manier in zijligging te houden en omrollen te voorkomen. Armpjes en beentjes blijven vrij. Het product wordt verkocht door Prénatal en daar geadviseerd voor baby's van 0-6 maanden, bijvoorbeeld wegens afplatting van het hoofd of asymmetrische houding.

Wij vragen ons af of de ‘babysleep’ een veilige manier van zijligging is en of dit product een middel is om houdingsafwijkingen te voorkomen of te behandelen.

ANTWOORD. Voor zuigelingen is na 14 dagen de zijligging geen stabiele ligging meer. Daarna zijn er met toenemende leeftijd steeds meer zuigelingen die zich tijdens een slaapperiode van de zij omdraaien naar rug- of buikligging. Rugligging gaat in de eerste 2 of 3 maanden samen met een grotere kans op non-synostotische plagiocefalie (scheve hoofdvorm, meestal tijdelijk)1 en buikligging betekent een grotere kans op wiegendood. Om dit omdraaien uit zijligging te voorkomen, zijn als hulpmiddel een ‘babyklem’ en een ‘babywikkel’ verkrijgbaar. Bij de babyklem ligt de romp van de baby geklemd tussen twee schuimblokken; bij de babywikkel worden twee textielflappen vanuit de onderlaag strak over de romp gelegd en met klittenband gefixeerd. Tot dusver is geen onderzoek gepubliceerd waarin de veiligheid, de effectiviteit en de toepasbaarheid (onder meer: tot welke leeftijd?) overtuigend zijn gebleken. Daarom kunnen deze hulpmiddelen thans niet worden aanbevolen om zuigelingen in de eerste maanden in zijligging te fixeren.2

Om plagiocefalie te voorkomen kan men zich dan ook het beste beperken tot de volgende voorzorgen: (a) indien het kind flesvoeding krijgt, houdt men hem in de eerste 3 maanden tijdens het voeden afwisselend op de rechter en de linker arm; (b) de eerste 14 dagen wordt het kind op de zij te slapen gelegd (dit kan afwisselend op de rechter en de linker zij); (c) na 14 dagen wordt steeds rugligging toegepast, waarbij het gelaat afwisselend naar rechts en naar links wordt gewend; en (d) het kind mag als het wakker is, onder continu toezicht van een volwassene op de buik oefenen. Ook van deze veilig ogende maatregelen ontbreekt echter een valide effectevaluatie.

De rugligging is vanaf 2 maanden geen stabiele ligging meer. Daarna zijn er met toenemende leeftijd steeds meer zuigelingen die zich tijdens een slaapperiode, of als ze wakker zijn, naar de buik omdraaien: van de gevallen van wiegendood die zich in Nederland in de laatste jaren voordeden in de leeftijd van 3 maanden tot 2 jaar (jaarlijks circa 20 gevallen), vond 52 plaats in secundaire buikligging, en dan vooral wanneer het kind zich voor de allereerste keer had omgedraaid (gegevens van de Landelijke Werkgroep Wiegendood over de periode 1996-2001). Om dit omdraaien uit rugligging te voorkomen is als hulpmiddel voor de leeftijd 2 tot 12 maanden een speciale trappelzak met riem in de handel. De riem, die door een stevige sleuf aan de rugzijde van de trappelzak en vervolgens onder de vaste bedbodem door wordt gevoerd, wordt strak aangetrokken. Ook hiervan zijn veiligheid, effectiviteit en toepasbaarheid tot dusver onvoldoende aangetoond, zodat dit hulpmiddel evenmin voor algemeen gebruik kan worden aanbevolen.

Literatuur
  1. Boere-Boonekamp MM, Linden-Kuiper LTLT van der. Positionalpreference: prevalence in infants and follow-up after two years. Pediatrics2001;107:339-43.

  2. American Academy of Pediatrics. Task Force on Infant SleepPosition and Sudden Infant Death Syndrome. Changing concepts of sudden infantdeath syndrome: implications for infant sleeping environment and sleepposition. Pediatrics 2000;105(3 Pt 1):650-6.

Gerelateerde artikelen

Reacties