Gebruik van alternatieve geneeswijzen door patiënten met myasthenia gravis
Open

Onderzoek
11-02-1994
R. Beekman en H.J.G.H. Oosterhuis

Doel.

Het gebruik vaststellen van alternatieve geneeswijzen door patiënten bij wie de diagnose ‘myasthenia gravis’ was of zou worden gesteld, en een eventueel effect van deze geneeswijzen op vertraging bij het stellen van de diagnose.

Opzet.

Retrospectief onderzoek.

Plaats.

Academisch Ziekenhuis Groningen.

Methode.

Bij 90 achtereenvolgens in consult geziene patiënten met myasthenia gravis werd door middel van een schriftelijke enquête geïnformeerd naar het gebruik van alternatieve behandelingsmethoden.

Resultaten.

Van de 72 respondenten hadden 18 eet alternatieve behandelaar bezocht, van wie 11 nog voordat de diagnose was gesteld. De belangrijkste reden een alternatieve benadering te proberen was onbegrip en ongeloof vanuit de reguliere sector. Vrijwel alle patiënten staakten de alternatieve behandeling, toen bleek dat deze geen effect had. In de groep patiënten die alternatieve hulpverlening kreeg, werd de diagnose later gesteld (maar niet significant later) dan in de groep die geen alternatieve hulpverlening had.

Conclusie.

Meer aandacht voor patiënten met chronische en onbegrepen klachten kan vertraging bij het stellen van de diagnose en bij het geven van adequate therapie voorkomen.