Een vrouw met brandende pijn in de armen na een val

Casuïstiek
05-10-2020
Jiri Moekotte, Mahi Dzelili en Tanca C. Minderhoud

Reacties (1)

Inloggen om een reactie te plaatsen
Ilse Van Nes
13-10-2020 15:59

Snelle en adequate therapie belangrijk

Ik wil de auteurs van dit artikel bedanken voor hun bijdrage. Een niet-traumatische incomplete dwarslaesie is een diagnose die vaak niet, of te laat vastgesteld wordt. Terwijl het juist voor de primaire behandeling van deze diagnose heel belangrijk is om zo snel mogelijk een behandeling te starten om secundaire schade zoveel mogelijk te beperken. 

Als aanvulling op het artikel wil ik graag 2 zaken benoemen. Ten eerste is de officiële internationale classificatie voor het vaststellen van een dwarslaesie de 'International Standards for Neurological Classification of SCI' (ISNCSCI). Door middel van gestandaardiseerd lichamelijk onderzoek (het vaststellen van sensibiliteit in alle dermatomen, de motoriek in 10 kernspieren en de aanwezigheid van anale sensibiliteit en/of anale contractie, zie ook https://asia-spinalinjury.org/learning/) is het mogelijk om het nivo van de dwarslaesie en de compleetheid ervan vast te leggen. Binnen deze classificatie zijn 5 klinische syndromen beschreven, waarvan het Central Cord Syndrome er één is. Ook is de mate van compleetheid vastgelegd van A-E (waarbij A een complete dwarslaesie is en E een volledig herstelde dwarslaesie; B, C en D zijn incomplete dwarslaesies met steeds meer motoriek en sensibiliteit). Door deze classificatie te gebruiken is éénduidige onderlinge communicatie mogelijk, kan er herstel nauwkeurig worden vastgelegd en is het mogelijk voorspellingen te doen ten aanzien van de prognose. Op grond van de beschrijving van de casus in het artikel lijkt er sprake van een niet-traumatische incomplete dwarslaesie C4 AIS D, type Central Cord Syndrome en dan is de prognose om tot lopen te komen, al dan niet met hulpmiddel, over het algemeen goed.

Ten tweede wil ik aangeven dat het juist bij deze diagnose heel belangrijk is om zo snel mogelijk met adequate begeleiding en therapie te starten. Dit is ook één van de punten die de nederlandse patiëntenvereniging (Dwarslaesie Organisatie Nederland) heeft aangedragen bij de ontwikkeling van de richtlijn Dwarslaesierevalidatie. Hiervoor kan de ziekenhuisrevalidatiearts in consult worden gevraagd. Deze kan advies geven ten aanzien van alle secundaire gevolgen van een dwarslaesie (bv blaasbeleid, darmbeleid, zenuwpijn, spasmen etc), fysiotherapie, ergotherapie en psychosociale begeleiding opstarten en coördineren en advies geven voor een adequaat natraject. Ook is het heel erg belangrijk om vanaf het begin van de opname heel erg alert te zijn op de preventie van decubitus. Door al in het ziekenhuis te starten met de revalidatiebehandeling kunnen secundaire complicaties voorkomen worden en dit zal een positieve invloed hebben op het uiteindelijke nivo van functioneren. 

Ilse van Nes, revalidatiearts en eindredacteur Handboek Dwarslaesierevalidatie, St Maartenskliniek, Nijmegen