Een levensbedreigende infectie met het Cache Valley-virus
Open

In het kort
08-07-1997
F.A.P. Claessen

Sexton et al. beschrijven een tevoren gezonde, 28-jarige man met een encefalitis en multi-orgaanfalen door een infectie met het Cache Valley-virus.1 Dit behoort tot de Bunyamwera-serogroep van het genus bunya-virus uit de familie der Bunyaviridae en is vooral bij muggen geïsoleerd. Hantavirussen behoren ook tot de Bunyaviridae. De verwekker van California-encefalitis is een voorbeeld van een bunya-virusinfectie. Antistoffen tegen virussen van de Bunyamwera-serogroep zijn incidenteel aangetoond bij mens en vee in het gehele Amerikaanse continent, maar een symptomatische infectie met Cache Valleyvirus bij de mens is niet eerder gemeld. De ziekte begon met koorts met koude rillingen, spierpijn en hoofdpijn, gevolgd door braken, verwardheid en meningeale prikkeling. Na een week ontstonden een maculopapuleus exantheem in het gelaat en op de romp, met blaasjes en pusteltjes en een bilaterale conjunctivitis. Op de 8e dag werd patiënt delirant met hypotensie en respiratoire insufficiëntie. Er ontstond uitgebreide necrose van vingers en tenen, resulterend in een amputatie.

Met ernstige neurologische restverschijnselen is patiënt na een half jaar aan longcomplicaties overleden. Bloedonderzoek tijdens de eerste dagen toonde een normaal aantal leukocyten met een relatieve granulocytose met linksverschuiving en een lichte trombocytopenie. In de liquor cerebrospinalis bestond een lichte pleiocytose van aanvankelijk overwegend segmentkernigen, later mononucleaire cellen. MRI toonde een geringe focale afwijking. In Vero-cellen was er een uitgesproken cytopathisch effect na 2 dagen cocultivatie met bloed en serum van de 8e en liquor van de 10e ziektedag. Elektronenmicroscopisch werden viruspartikels behorend tot de familie der Bunyaviridae in de Vero-cellen geïdentificeerd. Serologisch bleek het vervolgens om een virus van de Bunyamwera-serogroep te gaan, dat tenslotte met een polymerase-kettingreactie en sequentiebepaling van ‘reverse’ transcriptase werd getypeerd als Cache Valley-virus. Met een niet-gevalideerde ELISA waren vanaf 3 weken IgG-antistoffen in serum en vanaf 4 weken IgM-antistoffen in serum en liquor aantoonbaar tegen het betrokken isolaat. De auteurs stellen terecht dat Cache Valley-virus een nieuwe mogelijke verwekker van encefalitis bij de mens is.

Op de mogelijkheid van minder ernstige infecties met dit agens en op de transmissie gaan zij niet in. Wel halen zij een onderzoek aan dat congenitale afwijkingen van het centrale zenuwstelsel suggereert door verticale transmissie van dit virus. In West-Europa zijn bij de mens geen infecties met een bunya-virus gemeld. De auteurs tonen aan dat alertheid en standvastig zoeken tot ontmaskering van weer een voor de mens tot nu toe onbekend pathogeen kunnen leiden.

Literatuur

  1. Sexton DJ, Rollin PE, Breitschwerdt EB, Corey GR, MyersSA, Dumais MR, et al. Life-threatening Cache Valley virus infection. N Engl JMed 1997;336:547-9.