Echoscopische diagnostiek van aangeboren afwijkingen na de 16e zwangerschapsweek

Klinische praktijk
J.W. Wladimiroff
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1994;138:180-3

De kindersterfte voor en rond de geboorte is in de geïndustrialiseerde landen gedaald tot de 10‰, dankzij de verbeterde verloskundige en neonatale zorg en de hogere levensstandaard. Onvoldoende zuurstof- en voedingstoevoer naar de ongeborene, vroeggeboorte en aangeboren en erfelijke ziekten zijn echter nog steeds veel voorkomende oorzaken van pre- en perinatale gebreken en sterfte. Geschat wordt dat 4-6 van de op tijd geboren kinderen een aangeboren of erfelijke aandoening heeft. In ons land betekent dit jaarlijks de geboorte van 7000-10.000 kinderen met een dergelijke afwijking. Preventie en vroege diagnostiek van deze afwijkingen is dan ook een relatief belangrijke vorm van gezondheidszorg geworden.

Een van de methoden voor vroege diagnostiek is de echoscopie. Het oplossende vermogen van de huidige echoscopische apparatuur maakt visualisatie van een groot aantal structurele afwijkingen van de foetus vroeg in de zwangerschap mogelijk. Dit biedt de zwangeren een aantal opties die, afhankelijk van de ernst van de…

Auteursinformatie

Academisch Ziekenhuis Rotterdam-Dijkzigt, afd. Gynaecologie Verloskunde, Dr. Molewaterplein 40, 3015 GD Rotterdam.

Prof.dr.J.W.Wladimiroff, gynaecoloog.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties