Artikel
Zie ook de artikelen op bl. 1689, 1693, 1697, 1706, 1712 en 1717.
Inleiding
Recent bevolkingsonderzoek heeft aangetoond dat de prevalentie van stoornissen in het koolhydraatmetabolisme (diabetes mellitus en verminderde glucosetolerantie, te zamen ook wel aangeduid als glucose-intolerantie) beduidend groter is dan de prevalentie van klinisch gediagnostiseerde diabetes.1-3…
(Geen onderwerp)
Amsterdam, september 1992,
Mw. Feskens schrijft dat uit allerlei onderzoekingen is gebleken dat vezel in de voeding het glucosemetabolisme gunstig beïnvloedt (1992;1701-6). Dit zou onder andere blijken uit de toename van de darmpassagetijd.
Dit bevreemdt mij, daar het gunstige effect van vezel in de voeding bij obstipatie berust op een versnelling van de darmpassage, dus juist op een afneming van de darmpassagetijd.
(Geen onderwerp)
Bilthoven, september 1992,
De opmerking van Zuidema heeft vooral betrekking op effecten van onoplosbare voedingsvezels (cellulose en dergelijke). De gunstige effecten van voedingsvezel op het glucosemetabolisme worden echter voornamelijk veroorzaakt door de activiteit van de in water oplosbare vezel. Het belangrijkste effect van dit type voedingsvezel is een vertragende werking op de maaglediging. Hierdoor wordt de passagetijd in de gehele tractus digestivus verlengd, en niet zozeer alleen – zoals inderdaad onduidelijk weergegeven – de darmpassagetijd.