De invloed van de formulering van informatie over bijwerkingen op interpretaties door patiënten en op gemelde bijwerkingen
Open

Onderzoek
25-02-1996
H. Pander Maat en R. Klaassen

Doel.

Nagaan of (niet-inhoudelijke) veranderingen in de informatie over bijwerkingen in een patiëntenbijsluiter gevolgen hebben voor het interpreteren en onthouden van deze informatie door patiënten en voor het aantal gerapporteerde bijwerkingen.

Opzet.

Gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek.

Plaats.

Utrecht.

Methode.

In een veldexperiment werden, behalve de originele versie van de bijsluiter van diclofenac, gerandomiseerd ook twee alternatieve versies getest bij respectievelijk 33, 30 en 34 patiënten. In versie 2 werden lagere frequentieaanduidingen bij de bijwerkingen gebruikt (bijvoorbeeld: ‘soms’ werd vervangen door ‘zelden’), en in versie 3 werd een korte inleiding toegevoegd met algemene informatie over bijwerkingen.

Resultaten.

De schattingen door patiënten van bijwerkingsfrequenties liepen enorm uiteen. Ook lage en verlaagde frequentieaanduidingen werden nog met te hoge frequenties geassocieerd. De versie met lagere frequentieaanduidingen verlaagde niet alleen de frequentieschattingen, maar zorgde er ook voor dat minder bijwerkingen uit de tekst onthouden werden en dat minder bijwerkingen uit de tekst werden gerapporteerd als feitelijke klacht. De inleiding had als enig effect dat frequenties van de bijwerkingen lager geschat werden.

Conclusie.

Informatie over bijwerkingen met een hoger opgegeven frequentie wordt aandachtiger gelezen. Een discussie is wenselijk over de voor- en nadelen van getalsmatige frequentieaanduidingen of eventueel aanduidingen van frequentie-intervallen.