Bezoek aan een klinisch-genetisch centrum voor erfelijkheidsadvies bij psychiatrische stoornissen
Open

Onderzoek
01-04-1997
R. Vonk en M.F. Niermeijer

Doel.

Evaluatie van de erfelijkheidsadvisering aangaande psychiatrische stoornissen in een klinisch-genetisch centrum.

Opzet.

Retrospectief.

Plaats.

Klinisch Genetisch Centrum Rotterdam.

Methode.

Evaluatie van adviesvragen over psychiatrische ziekten uit de periode 1985-1992 (n = 49).

Resultaten.

Psychiatrische ziekten vormden in 1 van de gevallen de reden voor het vragen van erfelijkheidsadvies. Een minderheid van de adviesvragers werd door de psychiater verwezen. De meest voorkomende vraag betrof het risico dat toekomstige kinderen een psychiatrische aandoening zouden krijgen die bij familieleden voorkwam. De aantallen mannen en vrouwen in de totale groep adviesvragers waren ongeveer gelijk. Familieleden met de betreffende psychiatrische stoornis kwamen significant vaker voor in de familie van de vrouw dan in die van de man. Per adviesvraag waren er gemiddeld 3,6 indexpatiënten.

Conclusie.

Erfelijkheidsadvies aangaande psychiatrische stoornissen binnen een klinisch-genetisch centrum wordt weinig gevraagd in verhouding tot de frequentie van deze problematiek. Dit kan wijzen op het ontbreken van een behoefte aan informatie en begeleiding bij potentiële adviesvragers of op een adequate informatievoorziening door behandelaars, maar ook op onvoldoende onderkenning van vragen van patiënten en familieleden door huisartsen en psychiaters.