Bacteriëmie in twee algemene ziekenhuizen: het topje van de ijsberg van ziekenhuisinfecties
Open

Onderzoek
11-03-1986
H.A. Verbrugh, A.J. Mintjes-de Groot en D.A. Broers

Van 197 bacteriëmieën die gedurende één jaar optraden bij 174 patiënten in twee algemene ziekenhuizen werden de infectiebron en het tijdstip van ontstaan bestudeerd. De incidentie van bacteriëmie was 1,15 per 100 opgenomen patiënten in het centrumziekenhuis en 0,84 in het basisziekenhuis. Van deze bacteriëmieën was 43 het gevolg van infecties in de tractus urogenitalis, vrijwel steeds veroorzaakt door Escherichia coli en andere Gram-negatieve bacteriën uit de familie der Enterobacteriaceae. De infectiebron van 20 van de bacteriëmieën was een geïnfecteerde wond, decubitus-ulcus of intravasculaire catheter; hieruit werden vooral Staphylococcus aureus en Staphylococcus epidermidis als verwekkers geïsoleerd. Van de 174 patiënten overleden 29 (17) van wie 23 (13) ten gevolge van de sepsis. Van de bacteriëmieën kon 68 als ziekenhuisinfectie worden aangemerkt. Een actief registratiesysteem voor ziekenhuisinfecties leerde dat zich in 1984 in het basisziekenhuis 7,1 infecties per 100 opnamen hebben voorgedaan; 57 ervan betrof de urinewegen.

De preventie van ziekenhuisinfecties dient zich vooral te richten tegen urineweginfecties en infecties van intravasculaire catheters, wonden en andere huiddefecten. Een permanent, actief registratiesysteem van ziekenhuisinfecties is hierbij een eerste vereiste.