Aangegeven patiënten met infectieziekten in 1989

Onderzoek
C.A. Postema
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1990;134:1450-4
Abstract

Samenvatting

De in 1989 in het kader van de Wet Bestrijding Infectieziekten en Opsporing Ziekte-oorzaken aangegeven aantallen patiënten met infectieziekten worden vermeld.

Van de A-, B- en C-ziekten worden van elk ziektebeeld de cijfers afzonderlijk gegeven en de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van voorgaande jaren worden gesignaleerd.

Auteursinformatie

Geneeskundige Hoofdinspectie van de Volksgezondheid, afd. Infectieziekten, Postbus 5406, 2280 HK Rijswijk.

C.A.Postema, geneeskundig inspecteur.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties

Bilthoven, augustus 1990,

De getallen over aangegeven patiënten met kinkhoest, zoals vermeld in het artikel van Postema, behoeven enige toelichting (1990;1450-4). Er wordt gesteld dat 46% van de aangegeven patiënten met typische pertussis niet of onvolledig gevaccineerd is, en dus 54% van alle patiënten wel volledig zou zijn gevaccineerd. Hierdoor kan ten onrechte de indruk ontstaan dat de effectiviteit van de vaccinatie tegen kinkhoest, zoals die in de vorm van DKTP-vaccin in het Rijksvaccinatieprogramma wordt aangeboden, niet goed zou zijn. Bij het beoordelen van vaccineffectiviteit moeten echter niet alleen de tellers, maar ook de noemers, namelijk de grootte van de populaties waar de wel en niet gevaccineerde aangegeven patiënten deel van uitmaken, mee worden bezien, zodat de ‘attack rates’ (het aantal patiënten per betreffende populatie) in deze beide populaties vergeleken kunnen worden. In de tabel zijn de aangegeven patiënten verdeeld naar leeftijd en vaccinatiestatus. Ook wordt hierin de gemiddelde vaccinatiegraad per leeftijdsgroep gegeven. Met deze gegevens kan dan de vaccineffectiviteit (VE) worden berekend met de formule: VE (%) = {AR(N) – AR(V)}/ AR(N), waarin AR(N) en AR(V) staat voor de attack rates in de niet, respectievelijk wel gevaccineerde populatie.1 Uiteraard geeft deze benadering met behulp van landelijke gemiddelden een grove schatting van de VE, die bovendien staat of valt met de kwaliteit van de aangiftecijfers: wanneer gevaccineerde patiënten wel, en niet gevaccineerde patiënten juist niet worden aangegeven, wordt een te lage VE-waarde gevonden. Ook blijkt de VE-waarde sterk afhankelijk van de vaccinatiegraad van de betrokken populatie. Daarom zijn in de tabel ten aanzien van de groep kinderen van 6-11 maanden twee waarden gegeven, omdat het percentage kinderen dat drie of meer DKTP-vaccinaties heeft ontvangen op deze leeftijd snel stijgt: van ca. 70% op de leeftijd van 6 maanden tot ca. 90% rond de leeftijd van een jaar. Deze bevindingen, geïllustreerd aan de aangiftecijfers over 1989, zijn elders uitvoeriger beschreven.2

De gegevens bevestigen een eerdere analyse door Bijkerk, namelijk dat zuigelingen op de leeftijd dat zij het meeste risico van de ziekte kinkhoest te vrezen hebben, met ten minste drie vaccinaties hiertegen goed beschermd zijn.3 Op oudere leeftijd loopt de bescherming iets terug.

H.C. Rümke
Literatuur
  1. Orenstein WA, Bernier RH, Dondero TJ, et al. Field evaluation of vaccine efficacy. Bull WHO 1985; 63: 1055-68.

  2. Rümke HC. De effectiviteit van kinkhoestvaccinatie. Jaarverslag 1989. Bilthoven: RIVM, 1990: 269-71.

  3. Bijkerk H. Het nut van de immunisatie tegen kinkhoest. [LITREF JAARGANG="1986" PAGINA="41-2"]Ned Tijdschr Geneeskd 1986; 130: 41-2.[/LITREF]

C.A.
Postema

Rijswijk, september 1990,

Ik dank collega Rümke voor zijn waardevolle aanvulling op het jaaroverzicht van de aangegeven patiënten met infectieziekten in 1989.

Het korte bestek waarin een dergelijk overzicht moet worden gepresenteerd, kan toelichtingen soms dubbelzinnig maken. De redenering van Rümke snijdt hout.

Ik hoop dat al degenen die betrokken zijn bij het vaccinatiegebeuren zich dan ook terdege bewust zijn van de betekenis en de effectiviteit van de K-component. Een al te lichtvaardig oordeel over de geringe effectiviteit van het vaccin is dan ook onterecht. Een zo volledig mogelijke vaccinatiegraad dient – ook met het oog op kinkhoest – blijvend te worden nagestreefd.

C.A. Postema