CRP en BSE
Open

Labquiz
12-09-2011
L.S.M. (Lianne) Boesten, L.T. (Tom) Vlasveld en André P. van Rossum

Casus 1

Patiënt A, een 78-jarige vrouw met een niet-relevante voorgeschiedenis, wordt door de huisarts verwezen naar de internist in verband met algemene malaiseklachten. Ze heeft pijn in bovenarmen en -benen, pijn in de rechter slaap, geen visusklachten en geen kaakclaudicatio. Ze heeft een temperatuur van rond 38 °C gemeten. Ze is 3 kg afgevallen bij een matige eetlust. Patiënte oogt niet acuut ziek. Bij lichamelijk onderzoek worden geen afwijkingen gevonden. De arteriae temporales lijken niet verdikt. De uitslagen van het laboratoriumonderzoek staan in tabel 1. De waarschijnlijkheidsdiagnose is arteriitis temporalis.

Zijn de onderstaande beweringen over casus 1 juist of onjuist?

  • 1a De verhoogde BSE en CRP ondersteunen de diagnose arteriitis temporalis.

  • 1b De verhoogde BSE wordt veroorzaakt door de anemie.

  • 1c BSE en CRP beide aanvragen draagt niet bij aan de diagnose ‘arteriitis temporalis’.

Casus 2

Patiënt B, een 63-jarige man met een niet-relevante voorgeschiedenis, wordt door de huisarts verwezen naar de internist vanwege rugpijn en een sterk verhoogde bezinking (BSE). De pijn is ...