Gepubliceerd op: 08-12-2008 (in print verschenen in week 49 2008)
Citeer dit artikel als:
 Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:2673-80
Onderzoek

F.D.H. Koedijk

,

R. van Houdt

,

E.L.M. Op de Coul

,

N.H.T.M. Dukers

,

H.G.M. Niesters

,

M.C. Mostert

,

J.H. Richardus

,

R.A. de Man

,

G.J.J. van Doornum

,

J.A.R. van den Hoek

,

M.J.W. van de Laar

,

R.A. Coutinho

,

S.M. Bruisten

en

H.J. Boot

Doel.

Inzicht krijgen in de transmissie van hepatitis B-virus (HBV) in Nederland.

Opzet.

Beschrijvend.

Methode.

Van alle gerapporteerde patiënten met een acute HBV-infectie in 2004 werden epidemiologische gegevens en, voorzover die beschikbaar waren, bloedmonsters verzameld. Na DNA-isolatie en -amplificatie werd de sequentie van het S-gen van HBV (648 baseparen) bepaald en fylogenetisch geanalyseerd. Tevens werden de sequentiegegevens gekoppeld aan epidemiologische informatie.

Resultaten.

In 2004 werden 291 acute HBV-infecties gerapporteerd. Van 171 (59) patiënten werd het bloedmonster ontvangen en van 158 patiënten (54) kon het genotype bepaald worden. Er werden 6 genotypen gevonden: A (64), B (3), C (3), D (21), E (5) en F (4). Van de patiënten met genotype A was 52 besmet door homo- of biseksueel contact en 16 door heteroseksueel contact. Van degenen met genotype D was 42 besmet door heteroseksueel contact en 15 door homo- of biseksueel contact. Het genotype A-cluster was erg homogeen met veel identieke sequenties, terwijl de genotype B- tot en met E-clusters veel heterogener waren. Binnen genotype F werden 4 identieke sequenties gevonden, maar de patiënten konden epidemiologisch niet aan elkaar gerelateerd worden.

Conclusie.

Seksueel contact, met name homo- of biseksueel contact bij mannen, was de belangrijkste risicofactor voor het krijgen van een acute HBV-infectie. Genotype A kwam het meest voor in Nederland, vooral onder homo- of biseksuele mannen. De meeste besmettingen binnen genotype D kwamen tot stand door heteroseksueel contact. De resultaten laten zien dat er doorgaande transmissie van HBV onder homo- en biseksuele mannen was, terwijl bij heteroseksuelen veel meer sprake was van nieuwe introducties, mogelijk via chronische dragers uit HBV-endemische gebieden.

Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:2673-80

Reactie toevoegen

Er zijn nog geen reacties geplaatst.