Verhoging van vooral de diastolische bloeddruk verhoogt de kans op cognitieve achteruitgang op hogere leeftijd. Om precies te zijn: elke 10 mmHg verhoging van de onderdruk is geassocieerd met een risicoverhoging van 7% (95% BI: 1-14%). Dat is de conclusie van een cross-sectionele analyse aan gegevens van een kleine 20.000 deelnemers van het REGARDS-cohort die onlangs werd gepubliceerd in Neurology (2009; 73:589-595).
Het Reasons for Geographic and Racial Differences in Stroke (REGARDS) cohort includeerde tussen 2003 en 2007 30.000 blanke en zwarte mannen en vrouwen uit verscheidene staten in het zuiden van de VS.
Vanaf eind 2003 werden bij het baseline onderzoek naast de cardiovasculaire risicofactoren ook de cognitieve en affectieve status in kaart gebracht. Daarvoor werden respectievelijk de 6-Item-screener (een afgeleide van de Mini Mental State Examination, MMSE) en de Center of Epidemiologic Studies-Depression-4-item (CES-D-4) vragenlijsten gebruikt.
Deze gegevens bleken beschikbaar voor 19.836 REGARDS-deelnemers die nog geen CVA of TIA hadden doorgemaakt. Voor hen gold ook na correctie voor andere cardiovasculaire risicofactoren, leeftijd, leefstijlfactoren, depressieve symptomen en gebruik van antihypertensiva een lineair verband tussen diastolische bloeddruk en het optreden van cognitieve beperkingen. Voor systolische bloeddruk en hypertensie was dit verband er alleen vóór correctie voor verstorende variabelen.
Vanwege de cross-sectionele opzet kunnen auteur Tsivgoulis en consorten van (onder meer) de University of Alabama niet concluderen dat een verhoogde onderdruk daadwerkelijk de cognitieve achteruitgang veroorzaakt. Toch speculeren zij dat bij uitstek een verhoging van de onderdruk een aanslag is op cerebrale arteriolen. Aantasting van deze arteriolen zou leiden tot witte-stofafwijkingen, die vervolgens weer samenhangen met dementie van zowel het vasculaire type als van de ziekte van Alzheimer. Meer longitudinaal onderzoek met naast vragenlijsten ook beeldvorming zou meer duidelijkheid over causaliteit kunnen opleveren. (Bijdrage: Esther van Osselen).

