Mannen met een laag IQ hebben een verhoogde kans om te komen bij een ongeval. Met elke standaardafname van het IQ neemt de kans op voortijdige sterfte door een ongeval met 32% toe, en vergeleken met mannen met het hoogste IQ is het sterfterisico voor mannen met het laagste IQ ruimschoots verdubbeld. Het verschil blijft bestaan als men rekening houdt met factoren zoals sociaaleconomische afkomst, queteletindex en beroep.
Dit blijkt uit een grootscheepse studie van bijna 1,2 miljoen Zweedse mannen geboren tussen 1950 en 1976. Het IQ plus verschillende achtergrondvariabelen van de mannen werden vastgesteld tijdens hun dienstkeuring. De studie, uitgevoerd onder leiding van Finn Rasmussen, is gepubliceerd in het American Journal of Epidemiolology (2009;169:606–15).
Voor vergiftiging had de groep met het laagste IQ een sterfterisico dat 5,8 keer zo hoog was als dat van de groep met het hoogste IQ, voor brand was dit 4,4 maal zo hoog, voor valpartijen en verdrinking 3,2 en voor verkeersongelukken 2,2 maal zo hoog. Het effect was wel geleidelijk: het was niet zo dat de ongelukken alleen voorkwamen in de groep met het allerlaagste IQ. ‘Deze bevindingen doen vermoeden dat IQ een belangrijke rol speelt in zowel de etiologie van ongevallen als in de verklaring van sociaaleconomische verschillen in sterfte door ongevallen,’ aldus de auteurs. Bij campagnes voor ongevallenpreventie zou met deze verschillen in verstandelijke vermogens meer rekening moeten worden gehouden, menen zij.

