Gepubliceerd op: 21-02-2012 (in print verschenen in week 8 2012)
Citeer dit artikel als:
 Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:C1236
Nieuws
  • Open
Grootte brandwond sterkste voorspeller overleving bij kinderen

Karen van Weelden

Het optreden van complicaties na brandwonden hangt samen met de grootte van de wonden en het percentage lichaamsoppervlak dat is verbrand. Voor kinderen gold tot nu toe dat bij een verbrand oppervlak van meer dan 40% de overleving sterk afneemt. Met de huidige zorg ligt die grens op 60%, zo schrijven Robert Kraft van Shriners Hospitals for Children (VS) en collega’s in The Lancet (2012; epub 31 januari).

In een prospectieve cohortstudie includeerden de auteurs in 1998-2008 kinderen uit hun ziekenhuis met brandwonden die meer dan 30% van het lichaamsoppervlakte besloegen. Ze verdeelden de 952 kinderen op basis van brandwondgrootte over 7 groepen (30-39% verbrand, 40-49% enzovoorts). De klinische uitkomstmaten varieerden van duur van opname en inhalatieschade tot infecties, multi-orgaanfalen en sterfte.

Een groot verbrand oppervlak leidde tot significant meer morbiditeit en mortaliteit dan wanneer er minder huid was verbrand. Van de 154 patiëntjes met multi-orgaanfalen kwam 6% uit de minst verbrande groep (30-39%) tot 45% uit de meest verbrande groep (90-100%). Bij de 123 overleden kinderen was dat respectievelijk 3 en 55%. De auteurs vonden een cruciale mortaliteitsgrenswaarde van 62%. Zij verwerkten deze waarde in een multivariate analyse waarbij ze corrigeerden voor inhalatieschade, geslacht, leeftijd en tijd tussen verbranding en opname. Een verbrand oppervlak van meer dan 60%, inhalatieschade en het vrouwelijk geslacht waren belangrijke sterftevoorspellers, met een oddsratio van respectievelijk 10, 3 en 2.

De auteurs bevelen dan ook aan om kinderen met een verbrand lichaamsoppervlak van meer dan 60% direct naar een specialistisch centrum te verwijzen voor een intensieve behandeling om de genoemde complicaties te beperken.

(Bijdrage: Karen van Weelden.)


Reactie toevoegen

Reacties

Brandwonden verwijscriteria

In de rubriek NIEUWS is onlangs aandacht besteed aan een recent verschenen artikel in de Lancet over de relatie tussen de grootte van een verbranding en de kans op overleving van kinderen met brandwonden in de huidige brandwondenzorg (Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:C1236). Het betreft een prospectieve cohortstudie uitgevoerd in de Shriners Hospital for Children in Galveston, een van de meest toonaangevende brandwondencentra voor kinderen in de wereld. In een uitgebreide studie wordt aangetoond dat een verbrand lichaamsoppervlak van 62% de cruciale drempelwaarde voor mortaliteit vormt. De aanbeveling die wordt gedaan is dan ook dat kinderen met meer dan 60% verbrand lichaamsoppervlak verwezen moet worden naar een brandwondencentrum. Voor de Nederlandse artsen die betrokken zijn bij de brandwondbehandeling is dit onderzoek een nieuwe referentie. Maar wat moeten de lezers van het NTvG met deze kennis? De schrijver van het referaat, Karen van Weelden, heeft het artikel niet in een kader geplaatst die het voor de Nederlandse lezer mogelijk maakt de resultaten te interpreteren en te vertalen naar de Nederlandse situatie. Dat een kind met 60% brandwonden moet worden overgeplaatst naar een brandwondencentrum is in Nederland evident. Echter, niet alleen de mortaliteit is belangrijk bij de behandeling. De kwaliteit van het gespecialiseerde behandelteam, onder andere bestaande uit (plastisch-)chirurgen, intensivisten, kinderartsen, verpleegkundigen en paramedici, werkzaam in een bouwkundig aangepaste afdeling, waarborgen een optimale medische behandeling van de brandwondpatiënt en begeleiding van het gezin en de familie. De uiteindelijke kwaliteit van leven wordt door deze multidisciplinaire benadering bepaald. Er zijn daarom verwijzingscriteria opgesteld die door de Nederlandse brandwondencentra worden geadviseerd en die aansluiten bij de internationale richtlijnen op dat gebied. Deze criteria luiden als volgt:
•     Brandwonden > 10% van het lichaamsoppervlak
•     Brandwonden > 5% van het lichaamsoppervlak bij kinderen
•     Derdegraads brandwonden > 5% van het lichaamsoppervlak
•     Brandwonden over functionele gebieden (gelaat, handen, genitalia, gewrichten)
•     Circulaire brandwonden aan hals, thorax en ledematen
•     Brandwonden gecombineerd met een inhalatietrauma of ander begeleidend letsel
•     Brandwonden t.g.v. elektriciteit
•     Chemische verbrandingen
•     Brandwonden bij slachtoffers met een preëxistente ziekte
•     Brandwonden bij kinderen en bejaarden
•     Bij twijfel aan de vermelde ongevalstoedracht
 
De lezer van het NTvG is er volgens ons vooral bij gebaat om kennis te nemen van de in Nederland geldende verwijzingscriteria.
Jos Vloemans, brandwondenarts
FenikeTempelman, brandwondenarts
Prof.dr. Roelf Breederveld, traumachirurg
Prof. Dr. Paul van Zuijlen, plastisch-chirurg
Brandwondencentrum
Rode Kruis Ziekenhuis
BEVERWIJK

Reactie op brandwonden verwijscriteria

Ik dank Jos Vloemans en collega’s voor hun informatieve aanvulling op bovenstaand nieuwsstukje. Ik deel hun mening dat de lezer van het NTvG vooral gebaat is met kennis van de Nederlandse situatie en de Nederlandse verwijscriteria. Maar de Amerikaanse studie in The Lancet die ik in het nieuwsstukje bespreek, richt zich met name op voorspellers van de overleving en ernst van de morbiditeit en niet direct op verwijscriteria. Dat is de reden dat ik niet heb gerefeerd aan deze Nederlandse criteria, maar het is goed dat u die nuttige aanvulling op deze manier geeft.
 
Karen van Weelden, semi-arts NTvG