Patiënten met een milde tot matige depressie hebben weinig baat bij antidepressiva, in tegenstelling tot patiënten met zeer ernstige depressies. Dat schrijven Jay Fournier van de universiteit van Pennsylvania (VS) et al. in JAMA (doi:10.1001/jama.2009.1943) op basis van een meta-analyse. Antidepressiva worden veelvuldig voorgeschreven bij de behandeling van depressieve stoornissen. Toch is er weinig duidelijk bewijs dat deze geneesmiddelen bij minder ernstige depressies beter werken dan placebo.
Fournier en collega´s selecteerden 6 gerandomiseerde, placebogecontroleerde studies naar de effectiviteit van antidepressiva uit de periode 1980-2009. In totaal analyseerden zij de gegevens van 718 poliklinische patiënten van wie de depressie-ernst bij aanvang varieerde van mild tot zeer ernstig (van 10 tot 39 op de Hamilton Depression Rating Scale, HDRS).
Onder patiënten met milde tot ernstige symptomen (HDRS < 23) was de statistische effectgrootte van het verschil tussen antidepressivum en placebo minder dan 0,20 (de standaardwaarde voor een klein effect). Voor patiënten met milde tot matige (HDRS ≤ 18) en ernstige depressies (HDRS 19-22) waren de effectgroottes respectievelijk 0,11 en 0,17. Bij patiënten met een zeer ernstige depressie (HDRS ≥ 23) kwam de effectgrootte uit op 0,47. Bij patiënten met een HDRS van 27 of meer was deze 0,81 (een groot effect). Vanaf een HDRS-score van 25 leidde het gebruik van antidepressiva tot klinisch significante verschillen.
Volgens de auteurs verschilt hun analyse van andere studies omdat zij geen onderzoek excludeerden op basis van de ernst van symptomen, waardoor zij ook minder ernstige depressies in de analyse opnamen. Zij vinden het verrassend dat alleen bij ernstige depressies klinische verschillen te voorschijn kwamen, vooral omdat de meerderheid van de patiënten die antidepressiva krijgt aan minder ernstige depressies lijdt.

