Hein Janssens
,Eloy H. van de Lisdonk
enMatthijs Janssen
De tijd dat huisartsen patiënten met een artritis alleen naar de reumatoloog doorstuurden als therapie onvoldoende effect sorteerde of als het beloop afwijkend was, en de tijd waarin reumatologen jarenlang artritispatiënten controleerden zonder tussenkomst van de huisarts is historie. In de huidige richtlijnen voor de diagnostiek en behandeling van patiënten met artritis staan de volgende 2 aspecten niet meer ter discussie. (a) Agressieve behandeling van reumatoïde artritis (RA) in de vroege fase van de ziekte met ziektemodificerende medicijnen (‘disease modifying antirheumatic drugs’, DMARD’s) zoals methotrexaat en tumornecrosisfactor(TNFα)-remmers, leidt tot minder gewrichtsschade, een betere prognose en een betere kwaliteit van leven.1 En (b) inschatting en preventieve behandeling van het cardiovasculaire risico van patiënten met RA of jichtartritis verdient bijzondere aandacht.2,3 Deze 2 aspecten hebben consequenties voor de diagnostische en therapeutische zorg aan alle patiënten met een artritis en aan hen met RA of jichtartritis ...
Er zijn nog geen reacties geplaatst.
Indienen manuscript
Meld u aan voor de wekelijkse e-alert met de actuele inhoudsopgave.

