Mike J.L. Peters
,Vokko P. van Halm
,Alexandre E. Voskuyl
,Yvo M. Smulders
,Maarten Boers
,Willem F. Lems
,Marjolein visser
,Coen D.A. Stehouwer
,Jacqueline M. Dekker
,Giel Nijpels
,Rob Heine
,Ben A.C. Dijkmans
enMichael T. Nurmohamed
Doel
De incidentie van hart- en vaatziekten (HVZ) bij patiënten met reumatoïde artritis (RA) vergelijken met de incidentie bij patiënten met diabetes mellitus type 2 (DM2) en bij de algemene bevolking.
Opzet
Prospectief beschrijvend cohortonderzoek.
Methode
In 2001-2002 werden in totaal 353 patiënten met RA geïncludeerd in een cohort. Alle patiënten werden na 3 jaar opnieuw gezien om de 3-jaarsincidentie van HVZ te bepalen. Deze werd met een cox-regressiemodel vergeleken met de 3-jaarsincidentie van HVZ in een cohort van 1852 personen uit de algemene bevolking, van wie 155 DM2 hadden. Fatale en niet-fatale HVZ werden geclassificeerd volgens ICD-9-criteria.
Resultaten
De 3-jaars incidentie van HVZ was 9,0% bij de RA-patiënten en 4,3% bij de algemene bevolking, wat overeenkomt met een incidentie van 3,30 per 100 patiëntjaren (95%-BI: 2,08-4,25) respectievelijk 1,51 per 100 persoonsjaren (95%-BI: 1,18-1,84). Vergeleken met de 1852 personen uit de algemene bevolking was de voor leeftijd en geslacht gecorrigeerde hazardratio (HR) voor HVZ bij RA-patiënten 1,94 (95%-BI: 1,24-3,05; p = 0.004). Dit risico bleef onveranderd na exclusie van patiënten die bij aanvang al HVZ hadden of na correctie voor de aanwezigheid van cardiovasculaire risicofactoren. Zowel RA-patiënten zonder DM2 als DM2-patiënten hadden een twee maal zo hoog cardiovasculair risico als personen uit de algemene bevolking zonder DM2, met een HR van 2,16 (95%-BI: 1,28-3,63) respectievelijk 2,04 (95%-BI: 1,12-3,67).
Conclusie
RA gaat gepaard met een verhoogd cardiovasculair risico waarvan de grootte vergelijkbaar is met dat van DM2.
Indienen manuscript
Meld u aan voor de wekelijkse e-alert met de actuele inhoudsopgave.


Reacties
Confounding bij RA als risicofactor hartvaatziekte