Het nieuwe orale middel teriflunomide kan het aantal MS-terugvallen verlagen van iets vaker dan ééns in de 2 jaar naar ruim ééns in de 3 jaar. Multipele-sclerosepatiënten die het middel in hoge dosering gebruiken hebben minder kans op toename van hun handicaps na 2 jaar: 20,2% in plaats van 27,3%. Dat betekent dat 14 patiënten 2 jaar behandeld moeten worden om één geval van ziekteprogressie te voorkomen. De afname van ziekte-activiteit kon ook op MRI worden gezien. Het effect is volgens de onderzoekers vergelijkbaar met dat van middelen als interferon-bèta en glatirameer, die als (subcutane) injectie worden toegediend.
Dit zijn de belangrijkste uitkomsten van de TEMSO-trial, een internationale RCT waarin 1086 patiënten, verdeeld over 3 groepen, werden blootgesteld aan 7 of 14 mg teriflunomide per dag of placebo. Het ging om patiënten met de ‘relapsing-remitting’-vorm van MS, die zeker ééns in de 2 jaar een MS-aanval (‘Schub’) hadden, maar nog geen ernstige handicaps (N Engl J Med. 2011;365:1293-303).
Teriflunomide is de actieve metaboliet van leflunomide, een DMARD die bij de behandeling van reumatoïde artritis en psoriasis kan dienen als alternatief voor methotrexaat. Teriflunomide remt de mitochondriale pyrimidinesynthese, en daarmee de celdeling. Vooral snel delende B- en T-cellen zijn afhankelijk van deze bron van pyrimidine, een bouwstof van DNA. De werkzaamheid is waarschijnlijk vooral gebaseerd op het remmen van de activatie en proliferatie van deze afweercellen. Bijwerkingen waren diarree, misselijkheid en haaruitval, en verhoging van het ALAT. De vermoeidheid – een belangrijke klacht bij MS – was in alle 3 de groepen even erg.
(Bijdrage: Esther van Osselen.)

