Gepubliceerd op: 01-09-2010
Citeer dit artikel als:
 Ned Tijdschr Geneeskd. 2010;154:A2123
Onderzoek
  • Dossier: COPD

Lisette van den Bemt

,

Tjard R.J. Schermer

,

Ivo J.M. Smeele

,

Leandra Boonman-de Winter

,

Ton van Boxem

,

Joke Denis

,

Joke Grootens

,

Richard Grol

en

Chris van Weel

Periodic monitoring of COPD patients by general practice laboratories has no demonstrable clinical benefit*

Objective

To evaluate whether periodic monitoring of COPD patients by a general practice laboratory has clinical advantages for the patients.

Design

Cluster randomised prospective study with an observation period of 2 years per patient (http://clinicaltrials.gov/ct2/show/NCT00542061).

Method

Stable primary care COPD patients already known to the general practice laboratory were randomised to a “six-monthly monitoring” group or a “usual care” group by general practice. Periodic monitoring of patients consisted of standardised medical histories and pulmonary function tests, whereby recommendations were passed to the general practitioners. The primary endpoint was quality of life.The secondary endpoints were: exacerbation, respiratory symptoms, generic quality of life, quality of life domains and course of pulmonary function. The care process was also assessed.

Results

Data from 170 participants were analysed. Based on repeated measurement analyses, the additional gain in the Chronic Respiratory Questionnaire (CRQ) score during follow-up was 0.004 points higher for monitoring than for usual care (95% CI: -0.172-0.180); a difference of 0.5 points was considered to be clinically relevant. Also, no clinically relevant differences between monitoring and the usual care group were found for the secondary endpoints. The process evaluation showed that half the monitoring visits resulted in recommendations, and 46% of these recommendations were implemented by the general practitioners. Patient adherence to lifestyle recommendations was low.

Conclusion

Periodic monitoring of primary care COPD patients by a general practice laboratory did not lead to clinical benefits for patients.

Conflict of interest: none declared. Financial support: the project was made possible financially by PICASSO (‘Partners in care solutions for COPD’).

Reactie toevoegen

Reacties

Follow-up bij COPD: patient empowerment!

Recent presenteerden van den Bemt en collega’s hun mooi uitgevoerde onderzoek in dit tijdschrift naar de effectiviteit van het regulier verrichten van longfunctieonderzoek in de follow-up van patiënten met stabiel COPD [1]. Zij laten zien dat er geen verschil in uitkomst is tussen de controle groep en de patiëntengroep waarbij geregeld longfunctieonderzoek wordt verricht met begeleidend behandeladvies aan de huisarts. De conclusie dat op deze manier de follow-up van patiënten met COPD niet zinvol is, lijkt gerechtvaardigd.

Wij kunnen ons echter niet vinden in de hieruit volgende aanbeveling welke stelt dat enige vorm van follow-up behandeling niet meer behoort plaats te vinden. Zeker het bijbehorende editorial gaat aan de haal met deze aanbeveling [2]. Het artikel laat niet zien dat de behandeling van COPD zou falen, maar wel déze keuze van follow-up. Allereerst wordt in 46% van de gevallen het gegeven therapie advies niet door de huisarts gevolgd. Hierin kan een eerste verklaring liggen voor het falen van de interventie. Ter vergelijking: screening op baarmoederhalskanker zal ook niet zinvol zijn als de cytopathologische beoordeling niet meegenomen wordt in de behandeling.

De wellicht belangrijkste verklaring voor het ontbreken van een verschil bestaat uit de vrijblijvende interventie met de nadruk op longfunctiemetingen. Voor de benodigde leefstijlverandering bij COPD is gedragsverandering essentieel. Dit kan worden bereikt door toegesneden educatie, actief exacerbatie management en intensieve trainingsprogramma’s, met de nadruk op patiënt empowerment. Dit wordt in beide artikelen niet belicht.

Voordat we behandelmogelijkheden in de follow-up als ontoereikend karakteriseren, is allereerst een toereikende samenstelling van de interventie noodzakelijk. Van herhaalde longfunctiemetingen an sich is nog geen COPD-patiënt ooit opgeknapt. Bij COPD is nog een wereld te winnen; laten we het kind niet direct met het badwater weggooien.

Dr. J.C.C.M. (Hans) in ’t Veen, longarts en mede-auteur Zorgstandaard COPD, Sint Franciscus Gasthuis, Rotterdam

Dr.N.H. (Niels) Chavannes, huisarts en associate professor, afdeling Public Health and Primary Care, Leiden University Medical Center

1. Bemt L van den, Schermer TRJ, Smeele, YJM, Boonman-de Winter L, Boxem T van, Denis J, et al. Geen aanwijsbaar klinisch nut voor het jarenlang in stand houden van periodieke controles van COPD-patiënten door een huisartsenlaboratorium. Ned Tijdschr Geneeskd. 2010;154:A2123.

2. Drenth JPH. Een zucht geeft lucht. Ned Tijdschr Geneeskd. 2010;154:B614.