Het vrouwelijk geslacht alleen vormt geen risicofactor op overlijden na een percutane coronaire interventie (PCI) waarbij een medicijnafgevende stent wordt geplaatst. Dat beweren onderzoekers in het tijdschrift Catheterization and Cardiovascular Interventions (2011; epub 1 november). Dit klinkt als goed nieuws voor vrouwen, maar de auteurs wijzen er ook op dat vrouwelijke patiënten na een PCI toch eerder overlijden omdat ze gemiddeld meer comorbiditeit hebben dan mannen. Zo hebben ze gemiddeld een hogere BMI en zijn ze vaker hypertensief.
Jason Kovacic en collega’s vermoedden dat met de huidige technieken, de verbeterde medicatie na de ingreep en meer aandacht voor comorbiditeit, het verschil in mortaliteit tussen mannen en vrouwen wel eens kleiner kon zijn dan soms beweerd wordt. Zij bestudeerden data uit het cardiologische interventieregister van het Mount Sinai Medical Center in New York en gebruikten hieruit gegevens van alle patiënten die in 2003-2009 een PCI ondergingen. In totaal includeerden zij 13.752 patiënten, van wie een derde vrouw was.
Vrouwen hadden 1, 12 en 36 maanden na de ingreep een hogere mortaliteit dan mannen (respectievelijk 0,8 vs. 1,3, 6,1 vs. 4,8 en 10,4 vs. 8,4%). Na correctie voor comorbiditeit door middel van een multivariate analyse en een ‘propensity risk score’-analyse, waarin de onderzoekers alle uitgangswaarden voor mannen en vrouwen gelijk trokken, bleek echter dat geslacht geen onafhankelijke risicofactor was voor sterfte. BMI en hypertensie waren dat nog wel.
NTvG berichtte al eerder over soortgelijke bevindingen, maar dat betrof een kleinere cohortstudie die zich niet richtte op langetermijnsterfte (2011;155:C873).

